Reacties

Moet een kruipruimte geventileerd worden? — 95 reacties

  1. Ik heb het verhaal over ventilatie in de kruipruimte goed gelezen. Ik heb een huis uit 1989 waarbij de kruipruimte niet geventileerd is en het zand in de kruipruimte altijd iets vochtig aan voelt.
    Is het te verwachten dat wanneer ik de ruimte ga ventileren de begane grondvloer ( betonnen platen met aan de onderkant een dunne schuimlaag)niet zo koud wordt en de stookkosten (vloerverwarming) afnemen.

    • De temperatuur van de onderzijde van de begane grondvloer bepaalt mede de temperatuur in de kruipruimte. Door deze te ventileren in de wintermaanden wordt de temperatuur in de kruipruimte lager dan bij een niet-geventileerde kruipruimte. De richting van de energiestroom (warmte) is altijd van een hoge temperatuur naar lage. Als het verschil tussen de beide temperaturen (hoog en laag) toeneemt, neemt ook de energiestroom toe. Dus meer energieverlies.

      Het ventileren van de kruipruimte is bij een woning uit 1989 met een betonnen vloer vanwege het energieverlies daarom niet aan te raden. Beter is het om te kijken of de isolatie van de begane grondvloer verbeterd kan worden.

      De beleving van een koude vloer is allereerst een wat wij bouwfysici noemen comfortprobleem. De huid heeft een temperatuur van ongeveer 32 graden. De omgeving heeft een groot deel van het jaar een temperatuur die beduidend lager is. En dat betekent dat er altijd sprake is van energieverlies of te wel afkoeling. De mate waarin is afhankelijk van de kleding. En bij de voeten vooral van de geleiding van de schoenen en de vloer. Met schoenen met een ‘normale’ zool voelt een vloer zelden koud aan. Zonder schoenen of met dunnen zolen is het afhankelijk van de vloerafwerking. Tapijt is een slechte warmtegeleider. De voeten verliezen hierdoor weinig warmte. Tapijt zal daardoor niet snel koud aanvoelen. Tegels en natuursteen zijn hele goede warmtegeleiders. Zelfs met vloerverwarming zal de vloer dan koud aanvoelen.
      Bij een hittegolf ligt het iets anders. Dan kan een tegel- of natuursteenvloer heel comfortabel aanvoelen omdat in de hitte het lichaam warmte kwijt moet raken om te voorkomen dat de lichaamstemperatuur stijgt.

  2. Met interesse heb ik uw website gelezen. Wellicht dat u mij van advies kan voorzien.

    Huis is gebouwd in 1970 en de spouwmuren zijn niet geïsoleerd. Doordat het een hoekhuis betreft verstoken wij erg veel gas om de kamers op temperatuur te krijgen (gemiddeld 3500m3 p/j) We hebben hierdoor gekeken naar mogelijkheden om groener te worden en wilde de spouwmuren isoleren met HR ++ EPS isolatie Parels (lambda 0.033). Dit geeft de beste isolerende werking.

    Nu is het zo dat wij de tuin opgehoogd hebben aan de voor en zijkant. Het bedrijf gaf aan dat er nu op bepaalde plekken grond weggehaald moet worden, om zodoende kruipruimte ventilatie aan te brengen. In mijn onderzoek naar hoe ik kan voorkomen dat er regenwater in de kruipruimte kan komen heb ik de Koekoek gevonden. Het is wel prijzig, maar in iedergeval een oplossing zonder dat er regenwater in de kruipruimte kan betreden.

    Echter de kruipruimte is volgestort met beton aan een kant en onder de woonkamer zeg maar dacht ik nog wel wat zand te zien. (het is 35cm dus durfte niet zo ver onder de vloer). Nu vraag ik me af… moet ik uberhaupt nu wel de kruipruimte laten ventileren? De buren hebben dit wel gedaan (twee onder een kap) maar hebben geen opgehoogde tuin. Als ik 400 euro kan besparen aan die Koekoeks dan wil ik dat uiteraard doen.

    Groetjes,
    Reginald

    • Als er sprake is van een betonnen vloer op zand dan stelt niemand de vraag het beton wel bestand is tegen het zeer vochtige milieu in de grond. Zodra zich onder de betonnen vloer een ruimte bevindt dan veranderen plotseling de meningen. Dan wordt er vaak gesteld dat deze ruimte geventileerd moet worden om het vocht af te voeren. Met mijn kennis zie ik geen verschil tussen beide situaties. Het advies om een kruipruimte onder een betonnen vloer te ventileren kan ik dan ook niet plaatsen. Overigens zal dit nauwelijks functioneren als de kruipruimte maar zo’n 35 cm hoog is.

      Geheel anders wordt als er sprake is van een houten vloer boven een kruipruimte. Deze moet geventileerd worden om te voorkomen dat er houtrot aan de balklaag opgaat treden. Uit die periode stam ook het verhaal dat er geen water in de kruipruimte mag staan. Bij betonnen vloer is dit geen item meer. En zijn er dus geen maatregelen op dit punt nodig.

      In de periode rond 1970 kwam het nog weleens voor dat baksteenelementen gebruikt werden als begane grondvloer. Bij een dergelijke constructie moet per geval bekeken worden of de kruipruimte geventileerd moet worden.

  3. Met belangstelling heb ik uw artikel gelezen. Ik zit met de volgende vraag:
    Mijn huis dateert uit 1948 maar heeft een betonnen vloer ondersteund door houten balken die dwars op de vloer liggen. De kruipruimte bevindt zich onder een gedeelte van de woonkamer en in deze woonkamer zitten twee convectorputten.
    Het zand in de kruipruimte is volledig droog en ook op de bonnenconstructie en steunbalken is geen vocht te onderkennen. In de kelderruimte is een groot gat waardoor lucht kan in- en uitstromen. Het huis heeft geen spouwmuurisolatie, alleen dubbele beglazing.
    Nu wil ik de convectorputten dichtmaken omdat ik ze onrendabel vind. Als deze putten ga afdichten moet ik dan gaan zorgen voor extra ventilatie?
    Uw antwoord zie ik met belangstelling tegemoet.

    Groetjes,

    Louis Senden

    • Als de convertorputten zijn weggehaald, verandert het “klimaat” in de kruipruimte wezenlijk. Immers de weliswaar onbedoelde warmtebron is weg mits de cv-leidingen ook weggehaald worden.

      Het wordt er dan een flink stuk koeler en dat betekent automatisch dat de relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte stijgt. Tevens verdwijnt de drijvende kracht achter het afvoeren van de vocht door de opening tussen kruipruimte en kelder. Overigens is zeer onwenselijk om een open verbinding te hebben tussen de kelder, onderdeel van de woning, en de kruipruimte. In het Bouwbesluit staan bepalingen die erop gericht zijn om te voorkomen dat lucht uit de kruipruimte in de woning komt. Ik kan dat alleen maar onderstrepen. Zelfs als de kruipruimte helemaal droog is.

      De conclusie dat de kruipruimte na het weghalen van de convertorputten geventileerd moet worden, is een juiste. De kans is namelijk zeer groot dat het klimaat in de kruipruimte vochtiger wordt dan goed is voor de houten balken. Voor het ventileren geldt niet teveel (=teveel energieverlies) en ook niet te weinig (=te vochtig milieu). Hoeveel het moet zijn, is situatie afhankelijk. Oude bouwkundeboeken kunnen hierbij een goede leidraad zijn.

      Als er cv-leidingen in de kruipruimte blijven lopen, dan is de situatie wat gunstiger dan hiervoor geschetst. Pas als de isolatie van de cv-leiding een dikte van ongeveer 10 cm heeft, is het warmteverlies van de leidingen zeer beperkt en is er sprake van een “niet verwarmde” kruipruimte.

  4. Hallo

    Ben in bezit van een hoekhuis uit 1974 met plat dak,dak en muren zijn enkele jaren geleden geisoleerd.
    De kruipruimte heb ik met isolatieplaten van 3 cm dik onder de vloer behangen,voor en achter totaal vier ventilatie gleuven je voelt de lucht stromen als je je hand ervoor houdt,kruipruimte hoogte is 70 cm.
    Het zand is droog maar je ruikt in de meterkast de muffe geur om de 3 weken moet ik de vochtvreter vernieuwen.
    IK had een orginele mechanische ventilator over,die heb ik op een ventilatie gat geplaats zodat (hoop ik)een betere stroming krijg.
    Mijn vraag is:is dit een goed idee of zegt u je kunt het beter zonder een mechanische ventilator doen.
    Uw antwoord zie ik met belangstelling tegemoet.

    Groet FP Verschoor

    • Er bestaat van nature een drukverschil tussen de woning en de kruipruimte. Als er openingen in de begane grondvloer zijn, dan zal er lucht vanuit de kruipruimte de woning instromen. Het plaatsen van een ventilator in de kruipruimte zal deze luchtstroom niet of slechts deels tegenhouden. Dus ook het probleem van de muffe geur in de meterkast niet.

      Veel effectiever is om de openingen in de begane grondvloer af te dichten. In dit geval zeker in de meterkast. Het is soms lastig om uit te voeren maar het is zeker te doen.

      Eventueel te combineren met een folie, bijvoorbeeld landbouwplastic, op de bodem van de kruipruimte. Dit belemmert het ontstaan van de muffe geur in de kruipruimte in hele hoge mate. Voor de materiaalprijs, ongeveer € 0,40 per m2, hoef je het niet te laten. De folie kan los op de bodem gelegd worden en gefixeerd worden met een paar stenen of wat zand. Als er regelmatig water in de kruipruimte staat, dan is het beter de folie te bevestigen aan de fundering.

      Het plaatsen van een ventilator in de kruipruimte zorgt overigens niet alleen voor energiegebruik door de ventilator maar zorgt ook voor extra warmteverlies. Immers hoe meer lucht van buiten in de kruipruimte komt, hoe kouder deze in de wintermaanden wordt. Meer dan een heel lichte ventilatie van de kruipruimte is dan ook niet aan te raden.

  5. Goedendag,

    ik heb twee vragen voor u.

    ons huis uit 1897 heeft een souterrain waar we wonen (achterzijde) en koken (voorzijde). In het middendeel begon twee jaar geleden de vloer te zakken, sinds een paar maanden kwamen er meer vochtvlekken in de dragende binnenmuur en ruikt het vochtig als we een week niet thuis zijn geweest.

    Volgens overlevering is 20 jaar geleden de kruipruimte volgegooid met puin en is er een betonnen vloer overheen gelegd. We hebben een gat in de laminaatvloer gemaakt, en daaronder troffen we een laag multiplex op houten balken aan. Die balken waren kletsnat. Daaronder lag inderdaad beton. De aannemer stelde voor alles te verwijderen, een plastic lap op het beton te leggen, daarop styropfoam van 50 mm, daarop bewapening voor een betonlaag C2-25. Daarop willen we dan een parketvloer leggen. Daarnaast zullen de muren worden geïnjecteerd met sikamur. Klinkt dit als een afdoende oplossing?

    Nu wordt ook voorgesteld om extra ventilatie aan te brengen in het souterrain. We hebben voor- en achter dubbelramen die open kunnen en een wasemkap in de keuken tijdens het koken. De achterdeur wordt heel veel gebruikt. Is extra (mechanische) ventilatie dan wel nodig?

    Ik lees graag uw advies. Vriendelijke groet.

    • Om de laatste vraag te beginnen. Kenmerkend voor ventilatievoorzieningen als ramen en achterdeur is het geringe comfort. Dit komt door de slechte regelbaarheid ervan. In de praktijk blijkt steeds weer dat dit ertoe leidt dat de ventilatievoorzieningen te weinig gebruikt worden. Veel minder dan mensen zelf denken. Vooral als de wind verkeerd staat en het regent. In oudere huizen is een goedwerkende ventilatie (natuurlijk of mechanisch) heel belangrijk om vocht en schimmelproblemen te voorkomen. En wat minstens zo belangrijk is dat er permanent geventileerd wordt.

      Alleen een mechanische afzuiging kan ik niet aanbevelen. Een permanente luchtafvoer werkt niet zonder dat er een permanente luchttoevoer is in de vorm van ventilatieroosters die altijd openstaan. Is dat niet geval of zijn ze niet aanwezig dan komt het huis onder onderdruk. Dit laatste zorgt ervoor dat lucht via naden en kieren naar binnenkomt. Dit is zeker niet altijd de schoonste lucht. Een mechanische afzuiging zonder ventilatieroosters is dan ook niet aan te raden.

      De oorzaak van de kletsnatte balken lijkt een bouwfysisch probleem te zijn. Maar een andere oorzaak sluit ik niet uit. De oplossing van de aannemer, isolatie bovenop de bestaande betonnen vloer, is niet zonder risico’s. In de huidige systeem functioneerde de luchtlaag tussen de balken als een prima isolatie. En waarschijnlijk is dit de oorzaak van de problemen. De luchtlaag vervangen door isolatie lost het probleem waarschijnlijk niet op. Het is daarom aan te raden om vooraf bouwfysische berekeningen te laten maken.

      Daar het isoleren aan de binnenzijde altijd een oplossing blijft met risico’s, is de materiaalkeuze heel belangrijk. Wat je wilt voorkomen is dat er geen water als gevolg van condensatie in of onder de isolatie komt. Styrofoam of te piepschuim is in mijn ogen voor deze situatie niet de goede oplossing. Om de kans op schimmelgroei zo klein mogelijk te houden dient het isolatiemateriaal naast een gesloten cellenstructuur ook glad oppervlak te hebben. Deze moet volvlak op de beton geplakt worden. Dus zonder holle ruimten. Dit geldt ook voor de naden tussen de isolatieplaten.

      Het beton dat voor de afwerking wordt gebruikt, bevat veel water. Dat moet verdampen. En dat heeft geruime tijd nodig. Of het beton droog genoeg is om er parket op te liggen, kan gemeten met een elektronische vochtmeter. Deze meten het vochtgehalte aan het oppervlak. In vele gevallen is dit voldoende. Het komt toch regelmatig voor dat er nog zoveel vocht uit diepere “lagen” van het beton komt dat dit tot schade leidt aan het parket. Enkele maanden een goedkoop tapijt erop geeft de vloer voldoende tijd om te drogen. De inzet van bouwdrogers vergroot de kans op het hier beschreven schadegeval.

  6. Afgelopen weekend ontdekt dat onze ondervloer (hout) aan het rotten is. Het huis (tussenwoning, rij) dateerd van 1958. Wij hebben een laminaat vloer met daaronder van die groene dempingsplaten, daaronder ligt isolatie folie. 5 jaar geleden zijn wij er gaan wonen en hebben een erker laten plaatsen door een aannemer (betonnen foundering). 5 jaar geleden was er nog niets aan de hand.
    nu zijn de planken rot en zijn de balken aan de voorzijde (erker kant) rot. De balken zijn vochtig en aan de zijkant bij de muren waar de balken rusten zie je waterdruppels (heldere druppels).
    Andere buren hebben dit problem nooit gehad, het grondwater zou ook geen problem moeten zijn daar we vrij hoog gelegen zijn, het is ook nog nooit een issue bij andere woningen geweest. (ook niet met een llater aangebouwde erker)
    Aan de ahcterzijde van de woning is niets aan de hand, hier zitten ventilatie gaten. Aan de voorzijde, waar de problemen voorkomen) zitten na de aanbouw geen ventilatie gaten meer voor de kruipruimte. Kan dit de oorzaak zijn van dit problem (vochtige balken, schimmel en rotte planken binnen 5 jaar tijd).

    het zand in de kruipruimte voelt droog aan.
    Aan de kant waar de meeste aantasting zit zie je ook wat vochtplekken in het stucwerk (onderste 5 cm).
    De aannemer denkt dat het een lekkage is van de hemelwater afvoer die onder de huizen naar voren toeloopt, of een lekkage aan de kant van de buren.
    Hij meld dat we dit pas zullen zien als we gaan graven in de kruipruimte.

    Mijn vraag is wat de problemen veroorzaakt kan hebben en waar ik op dit moment verstandig aan doe. We willen de oude vloer er uit halen en een nieuwe betonschuimvloer aan laten brengen met isolatie aan de onderzijde. Kan dit zonder ventilatie aan de voorzijde, en wat als we geen oorzaak vinden. Kan ik dan zomaar die nieuwe vloer laten storten (het vocht zit blijkbaar ook in de muur aan de voorkant en dus moet ergens vandaan komen). loop ik nie thet riciso dat die muur daar vochtig blijft.

    Alvast bedankt voor uw bericht.

    • U schrijft dat het zand niet vochtig aanvoelt. Ik neem aan dat u bedoelt dat het niet nat aanvoelt. Zand in de kruipruimte kan pas als droog aangemerkt worden als de bovenste 10 à 20 cm als “los zand” aan elkaar hangt. U moet dan denken aan het losse, rulle zand in de duinen waar je bij iedere voetstap diep wegzakt.

      Als zand niet nat aanvoelt maar geen los zand is, dan betekent dat er nog altijd vocht uit het zand kan verdampen. Een lichte ventilatie van de kruipruimte zorgt ervoor dat dit vocht afgevoerd. Hierdoor ontstaat er een klimaat in de kruipruimte dat gemiddeld over het jaar voldoende “droog” is om de kans op houtrot gering te doen zijn.

      Het ontbreken van ventilatiegaten voor de kruipruimte aan de voorzijde van de woning zorgt er bijna altijd voor dat er praktisch geen ventilatie van de kruipruimte meer is. Dit komt omdat er geen doorstroming van lucht door de kruipruimte plaats vindt. Er is dan sprake van stilstaande lucht in de kruipruimte en dat met name in het gedeelte dat het verst verwijderd van de ventilatieopeningen. Dit leidt altijd, op een hoge uitzondering na, tot een zeer vochtig klimaat in een (groot) deel van de kruipruimte. En dat gedurende het hele jaar. Voor het hout is dat het tijdelijk zeer vochtig is niet direct een probleem mits het ook weer kan drogen gedurende het jaar.

      De schade aan het stucwerk hangt waarschijnlijk samen met het vochtige milieu in de kruipruimte. Maar dat hoeft niet het geval te zijn. Het kan namelijk ook optrekkend vocht zijn dat door het vochtige klimaat in de kruipruimte hoger is gekomen.

      Dat lekkages medeoorzaak zijn van de vochtproblemen sluit ik niet uit maar zonder dat zou het probleem waarschijnlijk ook opgetreden zijn.

      De oplossing die u noemt, een schuimbetonvloer, kent als risico dat als er probleem is met optrekkend vocht, de schade aan het stucwerk hierdoor groter zal worden. Het is daarom zaak de schade goed te onderzoeken alvorens een besluit te nemen over de oplossing. De oplossing die u noemt, is overigens maar 1 van de mogelijke.

      • Bedankt voor uw reactie.
        Stel dat het probleem inderdaad alleen komt doordat er geen ventilatie aanwezig is, moet dan eerst het vocht uit de ruimte zijn voordat de betonvloer gestort zou worden? Of maak dit niet zo veel uit.
        Mij is verteld dat ventialite niet nodig is bij deze vloer, maar dat wil niet zeggen dat het vocht er eerst uit moet (tenminste, dat is mijn logsiche benadering). Anders zou er vocht achterblijven dat niet, of gering, kan verdwijnen en uiteindelijk nog de muur in kan trekken.

        • Het klopt dat er geen ventilatie nodig is bij een schuimbeton. Dit geldt natuurlijk niet als een deel van de kruipruimte blijft bestaan.

          Schuimbeton bevat veel water bij het aanbrengen ervan. Een deel wordt gebonden. Het andere deel zal in de loop van de tijd verdampen of zich verspreiden in bijvoorbeeld de fundering. Dit laatste is afhankelijk van de wijze van uitvoering. Het nut van het laten drogen van de fundering hangt dus af van de wijze van uitvoering.

          Het drogen van de fundering is een heel langzaam proces en is sterk afhankelijk van de materiaaleigenschappen en de eventuele aanwezigheid van zouten. Overigens hoeft de fundering niet droog te zijn. Het criterium is of door het vochtgehalte schade aan het stucwerk ontstaat. Schade aan stucwerk hangt samen met de gebruikte stucwerkmortel, de afwerking ervan, de snelheid van de toevoer van vocht en niet de laatste plaats de droging. Het zijn deze 4 factoren die gezamenlijk, als er geen zouten aanwezig zijn, bepalen of er schade door optrekkend vocht ontstaat. Is er sprake van een zoutbelasting dat ligt het veel gecompliceerder. Door de juiste materiaalkeuze voor het stucwerk en de afwerking ervan kunnen veel vochtproblemen voorkomen worden.

          Zoals ik al schreef is een goed onderzoek dat alle factoren meeneemt noodzakelijk om te komen tot een goede oplossing. Aan de hand hiervan kunnen voor- en nadelen van de verschillende oplossingen tegen elkaar afgewogen worden. Schuimbeton is slechts 1 van de mogelijke oplossingen. Het kan zijn dat een andere in uw situatie een betere is.

  7. Geachte,
    Misschien kunt u mij adviseren met het volgende. Het betreft een hoekwoning uit 1970 met kwaaitaal vloer. Kruipruimte bestaat uit 2 compartimenten:keuken+gang en woonkamer. Keuken en gang zijn onlangs gepurt. Nu ontzettend nat aan onderzijde PUR. Dit compartiment is niet geventileerd, er kan maar aan 1 zijde (bij achterdeur) een renovatie koker worden aangebracht. Onder de woonkamer is maar 30 cm ruimte hier zou eventueel epsparels in kunnen worden geblazen. Vanwege het aanbrengen van Spouwmuurisolatie 30 jaar geleden, zijn er 4 ventilatieroosters aangebracht, 2 voorzijde woonkamer en 2 achterzijde aangebracht. Isolatie adviseur meldt dat epsparels wel iets kunnen doen aan klimaat woonkamer, maar minder dan PUR. Mijn vragen zijn: is het erg dat er geen ventilatie is in keuken compartiment? Heeft het aanbrengen van epsparels zin onder de woonkamer? Mogen de parels de ventilatieroosters afdichten (volgens adviseur juist goed)? Er is een kruipgat onder balk door tussen 2 compartimenten. Alvast bedankt!

    • Het nat worden aan de onderzijde van de pur-isolatie duidt dat er geen of onvoldoende ventilatie in de kruipruimte is. Bij beton is dat geen probleem. Bij een kwaaitaalvloer kan het een probleem zijn. Daar waar PUR tegen de onderzijde van de kwaaitaalvloer is er geen risico meer daar de PUR-schuim een afsluitende laag voor het vocht vormt.

      Het aanbrengen van EPS-korrels op de bodem in een deel van de kruipruimte zal er voorzorgen dat daar waar de korrels liggen de verdamping van vocht uit de bodem van de kruipruimte praktisch nul is. Het combineren van beide vormen van isolatie in 1 kruipruimte zal er voorzorgen dat boven de EPS-korrels toch een zeer vochtig milieu ontstaat als er open verbinding is tussen beide delen van de kruipruimte. Voor kwaaitaalvloeren is dit een niet wenselijke situatie.
      Overigens eenvoudig op te lossen door het leggen van een folie op de bodem van het gedeelte van de kruipruimte waar de PUR-isolatie is aangebracht. In theorie is er dan geen ventilatie van de kruipruimte meer nodig. Of de theorie hier ook opgaat, valt te beoordelen zonder de situatie ter plaatse beoordeeld te hebben.

  8. Geachte heer Snepvangers,

    Onze woning uit de 50’er jaren heeft aan de voorzijde een houten vloer. De achterzijde is 15 jaar geleden door de vorige eigenaar aangebouwd en heeft een betonvloer. De kruipruimtes voor een achter staan met elkaar in verbinding, die aan de voorzijde ligt hoger dan de achterzijde. De kruipruimte aan de achterzijde staat eigenlijk continu vol met water. Zeker na de afgelopen vochtige maanden, staat het water dat erg hoog (30-40cm). Er staat geen water onder de kruipruimte aan de voorzijde, maar door de open verbinding met de achterzijde, is de lucht wel erg vochtig. Aan de voorzijde zitten ventilatiegaten in de spouwmuur, maar die ontbreken aan de achterzijde. Ik twijfel over een mogelijke oplossing, maar ivm de houten vloer aan de voorzijde lijkt het me wel van belang er waar aan te doen. Is het verstandig ventilatiegaten aan de achterzijde te plaatsen en zou dat voldoende uithalen? Ik heb ook gespeeld met het idee van een dompelpomp, maar gezien de adviezen daarover op menig website ben ik dat niet zo zeker van. Ik hoop dat u mij van advies kunt voorzien en/of een goede adviseur in regio Drenthe/Groningen kunt aanraden. Bij voorbaat dank. Vriendelijke groet.

    • Grondwater in een kruipruimte met daarboven een betonnen vloer vormt geen probleem mits er geen openingen in de vloer zitten. Het beton wordt er niet door aangetast. Aan de achterzijde zijn dan ook geen maatregelen nodig.

      Anders ligt het bij de voorzijde met de houten vloer boven de kruipruimte. Uit de bodem verdampt daar veel vocht. Vanwege de houten balklaag moet dat afgevoerd worden. Daar de kruipruimteventilatie éénzijdig is aangebracht, zal de ventilatie waarschijnlijk minimaal zijn. Dit betekent dat de kans groot is dat het in de kruipruimte aan de voorzijde gemiddeld over het jaar veel vochtiger is dan gewenst. En als dat het geval is, dan moet met aantasting door houtrot van de houten vloer op termijn rekening gehouden worden. Let wel dat als de kans groot is, dit nog niet betekent dat het daadwerkelijk optreedt.

      Een goede oplossing voor het vochtige milieu in de kruipruimte aan de voorzijde is het leggen van een kunststof folie op de bodem. Hierdoor zal er geen vocht meer uit de bodem verdampen en wordt het milieu in de kruipruimte veel droger. Dit werkt overigens alleen als de opening tussen de twee kruipruimte luchtdicht wordt afgesloten. Met een beetje improvisatie is dit zo te maken dat indien noodzakelijk toch nog de andere kruipruimte betreden kan worden.

      Met aanbrengen van een kruipruimte ventilatie aan de achterzijde is in principe ook een optie. Maar of deze doet wat die moet doen, is afwachten. Vandaar ik deze oplossing niet aanraad.

      Tot slot is het misschien goed om een kanttekening te plaatsen bij de dompelpomp in de kruipruimte, een oplossing die overigens al door U is afgewezen. Wat vaak vergeten wordt, is dat bij vochtig zand het verdampingsvlak een factor honderd en meer groter is dan van water. Het wegpompen van water in de kruipruimte zal dan ook niet leiden tot een droger milieu in de kruipruimte daar de situatie er niet gunstiger op wordt. Immers uit de zand blijft water verdampen.

  9. Hallo,

    Dank u voor uw artikel. Dat is erg behulpzaam in mijn zoektocht naar wat wijsheid is voor mijn plannen voor vloerisolatie. Toch wil ik u mij vraagstuk graag voorleggen.

    Wij verhuizen binnenkort naar 2 onder 1 kapwoning uit 1934, met een houten vloer. Het dak en glas is geïsoleerd, maar de spouwmuren en vloer niet, dus dat wil ik gaan doen. Ik wil een goede isolatiewaarde en zou het liefst natuurlijk materiaal gebruiken (milieu-overwegingen, maar ook vanwege een gezonde leefomgeving). Ik ben daarom erg gecharmeerd van een flinke laag schelpen 30-40 cm. Maar dan blijft er een luchtlaag tussen vloer en schelpen en als de kruipruimte geventileerd wordt, wordt daardoor de isolerende waarde deels teniet gedaan, lijkt me. Leveranciers van schelpen geven aan dat door de vochtregulerende werking van schelpen de kruipruimte niet geventileerd hoeft te worden. Als dat zo is zou Deze wijze van isoleren goed werken, want dan ontstaat er een warme stilstaande luchtlaag en blijft ook de vloer warm. Maar ik wil uiteraard geen problemen met vocht, stank, random, etc. Ons nieuw huis staat overigens op zandgrond en voor zover ik weet is de kruipruimte kurkdroog.

    Denkt u dat het een goed idee is om te isoleren met schelpen en de kruipruimte af te sluiten? Zo niet, wat zou dan uw advies zijn m.b.t. een goede isolatie met bij voorkeur een zo laag mogelijke milieubelasting?

    Bij voorbaat dank voor uw reactie.

    • De vochtregulerende werking van schelpen hoeft niet betwist te worden. De vraag is alleen of de schelpen ooit verzadigd raken van het vocht. Vergelijk het met een vochtvreter zoals die in kasten worden geplaatst. Na enkele weken zijn die totaal verzadigd en moeten vervangen worden. Ik ben het bij schelpen overigens nog tegen gekomen of van gehoord.

      Waarschijnlijk heeft dit te maken met het gegeven dat een houten vloer nimmer 100 % luchtdicht is. En dat betekent dat er altijd wel sprake zal zijn van enige ventilatie van de kruipruimte. Kennelijk is dat voldoende om verzadiging van de schelpen te voorkomen.

      Deze beperkte ventilatie samen met luchtstromen als gevolg van temperatuurverschillen zorgen ervoor dat lucht in de kruipruimte niet zonder meer te beschouwen is als een stilstaande luchtlaag. Daarmee is het ook niet zeker dat de luchtlaag als een goede isolator fungeert. De schelpen op de bodem zorgen er overigens voor dat de warmtestroom de grond in fors beperkt wordt. Dit laatste leidt tot hogere temperaturen in de kruipruimte.

      Een heel goed alternatief voor schelpen is het aanbrengen van een folie op de bodem van de kruipruimte. Dit fungeert minstens zo goed als schelpen op het punt van vocht en stank. Een folie mag overigens ook onder de schelpen aangebracht worden. Daar dan de schelpen met aan de onderzijde van de laag droger blijven, neemt de isolatiewaarde ervan toe.

      De concentraties radon uit de bodem zijn in Nederland zo laag, blijkt uit onderzoek, dat dit op een hoge uitzondering na verwaarloosd kan worden. Er zijn op dit punt dan ook geen maatregelen nodig.

  10. Geachte heer Snepvangers,

    Veel dank alvast voor de vele inzichten gepubliceerd op deze site.
    Ik heb een vraag aangaande wat muffige lucht op de begane grond hier en het ventileren van de kruipruimte.

    Wij hebben een jaren ’30 hoekhuis: een kwaliteitsbouw, spouwmuren, op zand gebouwd, geen spouwmuur- of muurisolatie, dubbelglas inmiddels en een grondwaterpeil ca 0.8 meter onder maaiveld. Het huis zelf staat ca 20-30 cm boven maaiveld en de de kruipruimte ventilatieroosters zijn nog de oude van de bouw (de gemetselde versies van een paar steentjes op z’n kant).
    Beganegrondvloer is van hout en is in het verleden eens geheel vervangen (vorige eigenaar), balken en planken zijn alle helemaal gaaf. Er zijn geen schelpen of isolatiematerialen.
    In de gemetselde kelder zien we wel zo af en toe wat vochtvlekken op de cementen vloer. De muren van de kelder zijn ook nog eens betegeld.

    De kruipruimte is droog, er licht een laag zand en er is geen hout, etc. Wel wat klein puin hier en daar en droog helmgras (oud).

    De vorige eigenaar heeft het terras achter verlengd de tuin in en laten aansluiten op de eetkamerdeuren over de volle breedte van de achtergevel. Hierdoor zijn 2 isolatieroosters daar buitendienst geraakt doordat daar alles is dichtgestort tot aan de hoogte van de
    drempel van de tuindeuren.

    Mijn vrouw klaagt af en toe over wat muffige lucht op de begane grond – als bijv. er 2 dagen weinig gelucht is in het huis.
    Zij vraagt zich nu af:

    – komt deze lucht uit de kruipruimte?
    – is er niet gewoon te weinig ventilatie in de kruipruimte (ook al omdat bij de achtergevel 2 roosters van de bouw niet meer functioneel zijn)?
    – is hierdoor ook risico dat het hout van de vloerconstructie op termijn zal worden aangetast (door te weinig ventilatie)?
    – en is het een goed idee extra ventilatie te realiseren door wat gaten te boren door de spouwmuur naar de kruipruimte doormiddel van de zogenaamde ‘renovatiekokers’?

    Ik zou uw gedachten over dit onderwerp en een advies zeer op prijs stellen. Moeten wij meer ventilatiegaten gaan realiseren voor ons huis?

    Bij voorbaat hartelijk dank,

    Marc

    • Bij stankoverlast en een muffe geur hoort daarbij, speelt niet altijd de aanwezigheid van een bron een belangrijke rol maar ook luchtstromen in de woning. Deze laatste zorgen niet alleen voor de verspreiding van de stank maar ook voor de “verdunning” en de afvoer ervan.

      De ventilatie zorgt voor luchtstromen die gewenst zijn. Luchtstromen door naden en kieren (luchtlekken) behoren niet daar (meestal) niet toe. Een woning uit de jaren 30 kent meestal veel luchtlekken. Sommige hebben een beperkte invloed op de luchtkwaliteit maar dat geldt meestal niet voor de luchtlekken in een houten begane grondvloer.

      Ventileren en ongewenste luchtstromen kunnen niet los van elkaar gezien. Meestal verminderen stankproblemen door ventileren maar soms wordt het probleem erdoor verergert. Luchtlekken kunnen er ook voorzorgen als er een paar dagen niet geventileerd wordt dat dan stankproblemen sterk toenemen.

      De kruipruimte kan de bron van de muffe geur zijn maar bij woningen gebouwd zijn in de jaren 30 kan schimmelgroei ook op andere plaatsen voorkomen. Sommige zijn met het blote oog te zijn. Maar andere zoals schimmel achter het behang of aan de onderkant van het tapijt op een houten begane grondvloer worden vaak niet onderkend.

      Het uitsluiten van de bodem van de kruipruimte als bron van de muffe geur kan eenvoudig gerealiseerd worden door het leggen van een folie op de bodem ervan. Een bijkomend voordeel is dat hierdoor de vochthuishouding in de kruipruimte enorm verbeterd wordt. In dit geval is dat heel belangrijk daar de helft van de oorspronkelijk kruipruimte ventilatie verdwenen is.

      Een sterk verbeterde vochthuishouding in de kruipruimte zal eventuele schimmelgroei op de balken doen stoppen. Al is dit niet de eerste dag. De balken zullen namelijk moeten drogen. Om uiteindelijk de schimmelgeur kwijt te raken, is het vereist dat de schimmel op de balken een aantal maanden na het leggen van de folie verwijderd wordt. Het dragen van een stofmasker en handschoenen is hierbij aan te raden.

      Aantasting van de houten balken door vocht wordt door de folie op de bodem van de kruipruimte overigens niet voorkomen. Al heeft het er wel een positief effect op. De grootste risico blijft namelijk het vocht in de fundering waarmee de balkkoppen in contact komen.

      Ondanks de folie op de bodem blijft het ongewenst dat lucht uit de kruipruimte in de woning komt. Hiervoor zou de luchtdichtheid van de houten begane grondvloer enorm verbeterd moeten worden. De eerste stap is het dichten maken van de grote en kleinere gaten in de vloer. Meer is alleen met meer ingrijpende maatregelen haalbaar. Daarbij valt te denken aan vloerisolatie. Of dit in dit geval mogelijk is, zal nader onderzocht moeten worden. 1 van de aspecten die hierbij bekeken moet worden, is de vochthuishouding bij de balkkoppen.

  11. Geachte,
    Allereerst dank voor de geleverde inzichten. We hebben onlangs een 2-onder een kap dijkwoning (ingepolderd, geen water) uit 2004 gekocht. Souterrain heeft een wat muffe geur en in kruipkelder bevindt zicht (constant?) water. Ventilatie is beperkt, maar zou met een betonnen vloer ook niet hoeven begrijp ik. Desalniettemin zouden er door kieren toch geurtjes naar boven komen. Nu is voorgesteld EPS parels te gebruiken om dit tegen te gaan. Nu vraag ik mij af of dit de meest effectieve manier is en of (radon) gassen zich dan via muren gaan verspreiden. Bij voorbaat dank v de feedback.

    • Kieren en openstaande naden in de begane grondvloer zijn inderdaad een belangrijke transportroute waarlangs lucht uit de kruipruimte de woning in kan komen. De oplossing is simpel, namelijk deze naden en kieren afdichten. Dit is een goede oplossing en daarmee voldoet de vloer ook aan het Bouwbesluit. Deze eist namelijk een luchtdichte vloer.

      Er is een 1 situatie waarbij het afdichten van naden en kieren onvoldoende kan zijn. En dat is bij de geïsoleerde broodjesvloeren. Bij deze vloeren is de druklaag van beton zo vaak zo dun en tijdens het bouwen zo slecht verdicht dat de vloer onvoldoende weerstand biedt tegen damptransport. In dat geval is een folie op de bodem van de kruipruimte aan te raden. Daarop een laag EPS parels kan maar is niet noodzakelijk.

      Gassen kunnen zich door muren verspreiden. Dit proces gaat evenwel zeer langzaam. Als de begane grondvloer rondom op de fundering is opgelegd, hetgeen praktisch altijd het geval is, dan is het beton bij een goede uitvoering praktisch gezien een onneembare barrière. In de praktijk hoeft daarom geen rekening gehouden te worden met de verspreiding van gassen door het metselwerk.

      Op 1 isotoop na is de halfwaardetijd van radon (veel) minder dan een half uur. De uitzondering heeft een halfwaardetijd van 3 dagen. De beste maatregel tegen radongas uit de bodem is een luchtdichte begane grondvloer. Radon kan ook uit bouwmaterialen komen. Bij normaal ventileren brengt dit geen extra risico’s met zich mee.

  12. Dag mijnheer,

    Ik heb twee maanden geleden een huis uit 1920 gekocht. Bij de keuring werd ook de kruipruimte bekeken; het huis staat op zand dat er droog uitziet maar als je er met je vinger overheen gaat, blijft er wel zand aan de vinger zitten. De begane grond vloer is van hout en niet geisoleerd. De kruipruimte wordt flink geventileerd door een aantal roosters en het lijkt dat de kruipruimte ook droog is, het luik dat de kruipruimte afsluit en onder de vloerbedekking ligt, is van onderen keurig blank zonder enige aanslag. Het vochtgehalte is gemeten en wel onderaan de fundering en op het hoogste punt van de fundering, aan de onderkant van de balk, onderaan gaf de meting 18 a 20% en ter hoogte van de onderkant van de balklaag 15%, de bouwkundige vond deze waarden aanvaarbaar, de keuring vond in juni plaats en men raadde aan deze meting nogmaals in het natte jaargetijde te herhalen en mocht daar aanleding voor zijn, bij een vochtpercentage van 21% of hoger, maatregelen te nemen ofwel de fundering te injecteren ofwel schelpen op de bodem te laten spuiten, de bovenstaande verhalen gelezen te hebben, lijkt me het verstandig om vooral de punten te bekijken waar de balken op de fundering steunen en als deze daar vochtig zijn, zou injecteren dan de voorkeur hebben boven een laag schelpen of heeft een laag schelpen hetzelfde resultaat? Het valt mij op dat in alle antwoorden bij houten vloeren toch wel degelijk ventilatie blijft aanbevolen, terwijl schelpen bedrijven allemaal schrijven dat de ventilatie roosters dicht gemaakt kunnen worden. Wat raadt u mij aan?

    • Als ik het goed begrijp is het vochtgehalte gemeten van de fundering. Ik neem aan dat dit niet destructief gebeurd is met een meetinstrument dat indirect meet.

      Als mijn aanname’s kloppen dan moet ik helaas tot mijn spijt stellen dat aan de resultaten van de metingen geen enkele conclusie verbonden kan worden. Er zijn 2 fouten met de indirecte vochtmeters die ik veelvuldig in de praktijk tegenkom.

      De eerste is dat een vochtmeter die bedoeld is voor hout, wordt gebruikt op metselwerk. Deze meetinstrumenten hebben 2 pennen die in het hout gedrukt worden. De stroom die door het hout gaat is een maat voor het vochtgehalte van het hout. Overigens is dat bij iedere houtsoort anders. Deze meters zijn prima geschikt voor het doel waarvoor ze gemaakt zijn; het vochtgehalte in hout meten.
      Baksteen, beton en mortels zijn niet te vergelijken met hout. De meters met de twee meetpunten zijn dan ook totaal niet geschikt om het vochtgehalte van metselwerk en beton te meten. En nog minder om daar een uitspraak over het vochtgehalte van het metselwerk te baseren.

      Bij het andere type indirecte vochtmeter wordt alleen een sonde tegen het materiaal gehouden. Deze meters zijn uitstekend geschikt om vochtconcentraties op te sporen. Meestal hebben deze meters een schaal van 0 tot 100. Bij deze meters komt een uitslag van 100 meestal overeen met een vochtgehalte van het metselwerk tussen 3 en 7 %. Voor een gemetselde fundering is een dergelijk vochtgehalte laag te noemen.

      Als mijn aanname klopt dat het vochtgehalte van de fundering met een indirecte vochtmeter gemeten is, dan valt er niets te zeggen over de noodzaak van maatregelen. Zeker niet over kostbare maatregelen zoals het injecteren van metselwerk of het storten van schelpen in de kruipruimte. Overigens raad ik wel aan om een folie op de bodem van de kruipruimte te leggen. Het zorgt voor een flinke verbetering van de vochthuishouding in de kruipruimte en de kosten ervan zijn zeer beperkt.

  13. Mijn zoektocht naar de (on)mogelijkheden van vloer- of bodemisolatie in onze specifieke situatie (vloerverwarming; een gerepareerde kwaaitaalvloer) levert meer twijfels op dan antwoorden. Niet-commerciële informatiebronnen en ook diverse isolatiebedrijven geven eenzijdige en onderling tegenstrijdige signalen af. Net uw site gevonden en zo te zien werpt u vaak een helder licht op ingewikkelde problemen. Misschien ook op het onze.
    Wij hebben in 2006 in onze vrijstaande woning (bj 1979) op de gehele benedenverdieping vloerverwarming laten aanleggen. Dat is comfortabel en functioneert naar tevredenheid. Onder het huis bevindt zich ca. 70 m2 kruipruimte, ruim 50 cm hoog, in 3 stroken verdeeld. In verband met af en toe muffe lucht in huis is 2 jaar terug de vrijwel ontbrekende ventilatie in de middelste strook v.d. kruipruimte verbeterd. (De andere 2 stroken ventileerden wel.) Mufheid komt veel minder voor (niet helemaal weg) en de kruipruimte is veel minder vochtig, geen condens meer op leidingen etc. Het gasverbruik voor verwarming lijkt tot nu toe niet toegenomen ná de ventilatieverbetering.
    Onze HR-combi-ketel (2006) verbruikt ca. 2500 m3 gas per jaar, met 2 personen, in een matig geïsoleerde (verouderde isolatie van dak en spouwmuren, oude dubbele beglazing) woning van 350-400m3, waar verdere isolatie-maatregelen helaas pas bij (te) zeer ingrijpende renovaties een serieuze daling van het verbruik zouden opleveren.
    Om toch enige energie te besparen wilde ik de vloer aan de onderzijde laten isoleren. Aan de onderzijde bevinden zich echter een soort verzinkte stalen spanbeugels (van de kwaaitaal-reparatie). Mijn idee om vloer en beugels dan maar allemaal met PUR-schuim te bedekken (meteen de vloer nog wat luchtdichter) zien diverse bedrijven niet zitten. Daar zijn ze heel beslist in. Maar mij is niet duidelijk of ze het te ingewikkeld vinden, of dat het gewoon niet kan. Wel geven ze aan dat je dan nooit meer de kwaaitaalvloer en de kwaliteit van de reparatie kunt beoordelen.
    Een gecertificeerd isolatiebedrijf stelt voor de vloer van de kruipruimte te bedekken met een 23,5 cm dikke laag van EPS-parels. Dat zou ook een sterk isolatierendement moeten opleveren (naast vochtreductie, maar vocht is geen of geen groot probleem). Over bodemisolatie lees ik elders tegenstrijdige berichten, met name dat bodemisolatie bij een geventileerde kruipruimte juist wel eens extra energieverlies zou kunnen veroorzaken (vooral als het flink koud is, en daar gaat het natuurlijk om).
    Ik ben benieuwd naar uw uitleg en suggesties.

    • Om met het laatste te beginnen: leidt tot een geventileerde kruipruimte tot energieverlies en wordt dat meer als de bodem van de kruipruimte geïsoleerd wordt. Op het oog gezien lijkt hier niets tegenin te brengen. Toch wil ik een paar kanttekeningen hierbij plaatsen.

      Door de isolatie op de bodem van de kruipruimte wordt de warmtestroom in het koude seizoen vanuit de bodem in de richting van de kruipruimte praktisch gezien tot 0 teruggebracht als alleen de lucht in de kruipruimte wordt beschouwd en de begane grondvloer buiten beschouwing wordt gelaten. Rekening houdend met het laatste kan gesteld worden dat de lucht in de kruipruimte niet vanuit de bodem verwarmd als de temperatuur in de kruipruimte lager is dan in de bodem. Dus zou de lucht in de kruipruimte meer de buitentemperatuur moeten volgen. En hoe kouder de kruipruimte is hoe groter het energieverlies is. De hoeveelheid energie door de ventilatie van de kruipruimte verloren gaat, is overigens niet alleen afhankelijk van de opwarming van de lucht maar ook van het ventilatievoud.

      Maar zo eenvoudig is het niet. In het voorgaande is de begane grondvloer niet meegenomen. Deze vloer heeft ook invloed op de temperatuur in de kruipruimte. Een deel van het energieverlies door de vloer “gaat op” aan het verwarmen van de lucht in de kruipruimte en een deel verdwijnt in de bodem. Door de isolatie op de bodem van de kruipruimte wordt het warmteverlies van de begane grondvloer in de richting van de bodem sterk gereduceerd. Evenwel gaat een deel van de winst op het verwarmen van de lucht in de kruipruimte doordat de temperatuur aan de onderzijde van de begane grondvloer stijgt door het geringere warmteverlies. Hoeveel dat is, hangt af van het ventilatievoud van de kruipruimte en het vochtgehalte van de lucht die met de ventilatie naar buiten verdwijnt. De meningen of EPS-parels het vocht uit de bodem voldoende tegenhouden zijn verdeeld. Landbouwplastic onder de EPS-parels doet op dit punt wonderen.

      Blijft dat isolatie op de bodemkruipruimte nimmer zo effectief is als het isoleren van de begane grondvloer maar in veel gevallen een goede oplossing is. Mits dat het ventilatievoud van de kruipruimte zeer beperkt is en er praktisch geen vocht uit de bodem aan de lucht in de kruipruimte wordt toegevoegd. En het ventilatievoud mag zeer gering zijn als er weinig of geen vocht uit de bodem aan de lucht in de kruipruimte wordt toegevoegd.

      De volgende vraag is of de Kwaaitaalvloer bereikbaar moet blijven voor inspectie. In principe klopt dat. Tenzij de risicofactor die verantwoordelijk is voor de schade, niet meer aanwezig is. De aantasting van de Kwaaitaalvloer treedt uitsluitend alleen op onder invloed van vocht. Is er geen sprake van een vochtbelasting dan zal de schade niet optreden en/of zich verder ontwikkelen.

      Door de Kwaaitaalvloer is er sprake van vochttransport in 2 richtingen. Dit is afhankelijk van het verschil in absolute vochtgehalte in de woning en in de kruipruimte. Schade kan er ontstaan als er sprake is van inwendige condensatie. Met isolatie aan de koude zijde van de constructie (=onderzijde van de begane grondvloer) is dit praktisch uitgesloten. En daarmee de ontwikkeling van de schade aan de Kwaaitaalvloer. Een risicofactor hierbij is wel het vochtgehalte in de kruipruimte. Deze laatste kan sterk gereduceerd worden door het aanbrengen van een folie op de bodem van de kruipruimte.

      Het isoleren van de onderzijde van de gerepareerde Kwaaitaalvloer moet m.i. niet op voorhand afgewezen worden.

      Het isoleren staat niet zonder meer gelijk aan het lucht dichtmaken van de begane grondvloer. Bij de isolatie op de bodem van de kruipruimte is dat natuurlijk logisch. Bij het isoleren van de onderzijde van de kruipruimte hangt dat af van de materiaalkeuze.

      Het spuiten van PUR-schuim tegen de onderzijde van de begane grondvloer verbetert de luchtdichtheid heel sterk. Of ik PUR-schuim zou aanraden, betwijfel ik en wel om de volgende reden. PUR-schuim wordt gemaakt door het mengen van de verschillende componenten in de juiste verhoudingen bij het spuitpistool. De praktijk heeft uitgewezen dat dit niet altijd goed gaat. De gevolgen zijn dan groot en vaak alleen met een zeer grote inspanning te herstellen. Neemt niet weg dat het ook vaak goed gaat.

      Of er wel of niet gekozen wordt voor isolatie ik adviseer altijd om de luchtdichtheid van de begane grondvloer in orde te krijgen en daarvoor op kierenjacht te gaan. De kosten zijn het meestal niet en het is over het algemeen zelf uit te voeren. Wel kost het tijd. Er kan dan tegelijk een folie op de bodem van de kruipruimte gelegd worden. Tenzij er regelmatig grondwater in de kruipruimte staat, behoeft deze niet aan de fundering bevestigd te worden. Stenen erop om het verschuiven van de folie te voorkomen volstaan in veel heel gevallen.

  14. Beste heer,

    Wij hebben een huis uit 1988 met een Nebi systeemvloer Rc 1,7 m2K/W.
    De bodemafsluiting is van zand en de vrije hoogte in de kruipruimte is 60cm.
    De bodem is vochtig het huis ruikt vaak muf en bij veel regen is de bodem echt nat.
    We willen af van de vochtige lucht en liefst een verbeterde isolatie krijgen.
    De oplossing van de firma met aluminium folie en een bodemafsluiting van zeil is veel te duur voor ons en dan
    moeten alle doorvoeringen in de fundering gedicht worden omdat daar bij veel regen water doorkomt en zo op het zeil zou vallen.
    Om de prijs te drukken en de bovengenoemde problemen te voorkomen ben ik voornemens om 20cm isolatievlokken op de bodem te leggen. Bij stijgend grondwater stijgen de isolatie vlokken waardoor de isolatiewaarde blijft. De ruimte wordt geventileerd maar. iet te sterk waardoor er niet te veel koude komt.
    Nu zijn er toch nog de vragen:
    Houden de vlokken radongas voldoende tegen?
    Zal de begane grondvloer na de toepassing van de vlokken toch beter geisoleerd zijn?

    B.v.d.

    M.uit Maastricht

    • Radon en haar dochters zijn voor ongeveer een kwart verantwoordelijk voor de totale stralingsbelasting. Onderzoek bij woningen uit de periode 1993 – 2004 heeft uitgewezen dat hiervan ongeveer 70 % afkomstig is uit bouwmaterialen. De rest komt uit de buitenlucht en de kruipruimte. Daar een zeer belangrijke bron van radon de woning zelf is, is de meest effectieve wijze om de blootstelling aan radon en haar dochters te verminderen goed ventileren.

      Radon in de kruipruimte komt deels uit de bodem en voor een ander deel uit de steenachtige bouwmaterialen in de kruipruimte (fundering, steenachtige vloer). De meest effectieve en daarmee de belangrijkste aanpak om te voorkomen om te zorgen dat geen radon uit de kruipruimte in de woning komt, is het zorgen voor een luchtdichte vloer. Vlokken op de bodem van de kruipruimte kunnen niet beschouwd worden als een laag die radon tegenhoudt. Wel als een laag dat het transport van radon vertraagt. Of dit voldoende is? Mijn inschatting is dat dit niet het geval is.

      Het luchtdicht maken van de begane grondvloer heeft tevens tot het grote voordeel dat de muffe geuren uit de kruipruimte niet meer in de woning komen. Muffe geuren zijn het signaal voor de aanwezigheid van schimmels. Schimmels vormen m.i. een groter gezondheidsrisico dan radon. Blootstelling aan stoffen die afkomstig zijn schimmels leidt niet het ontstaan van kanker. Wel staat vast dat de gezondheid van mensen in woningen met schimmelgroei slechter is dan die van mensen die binnenshuis niet blootgesteld worden aan schimmels.

      Wie zich zorgen maakt over radon, zorgt m.i. allereerst dat ventilatie in de woning optimaal is en ook gebruikt wordt. Dat laatste is overigens een heel probleem in Nederland. Onderzoek wijst steeds opnieuw uit dat maar een heel laag percentage van de mensen voldoende ventileert. Het Informatiepunt Ventilatie van Milieu Centraal biedt een instrument om zelf te beoordelen of er goed gebruik gemaakt van de ventilatievoorzieningen.

      Voor het antwoord op de vraag of isolatievlokken op de bodem van de kruipruimte een effectieve isolatiemaatregel verwijs ik naar mijn reactie van 6 december op hierover. Als aanvulling hierop wil ik opmerken dat luchtlekken in de begane grondvloer het ventilatievoud van de kruipruimte vergroten. En daarmee de effectiviteit van de isolatie op de bodem van de kruipruimte.

      Naast de hierboven genoemde bronnen van radon kunnen ook bronnen in huis zijn waarvan niet beseft wordt dat hieruit veel radon vrijkomt. Bijvoorbeeld een verzameling minerale stenen of wijzers en cijfers op wijzerplaten die geverfd zijn radiumverf om deze op te laten oplichten.

  15. Het ventileren van een kruipruimte is zoals ik het lees niet langer verplicht. Wat als de kruipruimte in verbinding staat met de spouw? Deze dient toch geventileerd te worden indien er een tussenruimte tussen aangebrachte isolatie en de buitenste muur zit? Ik zou het aandurven de ventilatie af te dichten, echter stop ik daarmee ook de ventilatie van de spouw. Mijn probleem is niet zo zeer het vocht maar de koude. Het “waait” behoorlijk in de spouw vanwege de vermoedelijke open bovenkant van de spouw en de verbinding met de geventileerde kruipruimte. Ik heb het idee dat daardoor de 4 a 5 cm glaswolisolatie in de spouw haar functie verliest

    • Ik wil een scheiding maken tussen 4 aspecten.

      1. Volgens het Bouwbesluit is dit bij woningen gebouwd na 1993 niet verboden mits de luchtdichtheid van de aansluitingen van de kozijnen e.d. aan dezelfde eisen voldoen als gelden voor de begane grondvloer. Dit is vaak het niet het geval.

      2. De spouw hoeft maar licht geventileerd te worden. Een open stootvoeg per m1 gevel is vaak al voldoende. Bij de moderne steen- en mortelkwaliteit kun je erover discussiëren of het nog überhaupt hoeft. Voor regendoorslag waar het ventileren van de spouw oorspronkelijk bedoeld was, is de noodzaak alleen bij een slechte uitvoering van het metselwerk echt nodig. Maar een zeer lichte ventilatie van de spouw rechtstreeks van buiten kan nooit geen kwaad. En het energieverlies erdoor is zeer beperkt.

      3. Meestal is de lucht die komt uit de kruipruimte zeer vochtig met uitzondering in die gevallen dat de kruipruimte sterk geventileerd wordt. Glaswol is behandeld om waterafstotend te worden. Als de glaswol zich voortdurend in een zeer vochtige omgeving bevindt, kan de waterafstotende laag op de glaswolvezels aangetast worden. Als deze laag aangetast is, dan wordt het glaswol vochtig en verliest het structuur en daarmee zijn isolatiewaarde. Op welke termijn dit optreedt, is moeilijk in te schatten en het gebeurt zeker niet altijd. Maar het is mijn ogen wel iets om in gedachten te houden.

      4. Hoe groot het energieverlies is, is moeilijk in te schatten. Dit hangt heel sterk af van de mate waarin de kruipruimte wordt geventileerd. Is het ventilatievoud van de kruipruimte niet meer dan strikt noodzakelijk, dan zal de lucht die van buiten komt opgewarmd, in de kruipruimte opgewarmd worden. O.a. door de warmte uit de bodem maar ook door de warmte die door de begane grondvloer komt. Als de opwarming groot is, dan is het niet direct een bezwaar dat deze verwarmde lucht via de spouw wordt afgevoerd. Bij een sterk geventileerde kruipruimte gaat dit niet op daar de opwarming in de kruipruimte te gering is.

      Al met al zou ik nooit adviseren om de spouw te ventileren via de kruipruimte. Maar ervoor te zorgen dat de ventilatie van de kruipruimte strikt te scheiden van die van de spouw. Deze oplossing heeft zich in de loop van vele tientallen jaren bewezen. Het koppelen van de ventilatie van de kruipruimte en de spouw is risicovol. In veel gevallen leidt dit tot schadegevallen.

      Ik moet opmerken dat ik ooit een schadegeval aan de hand heb gehad waarbij een heel dak vervangen moest worden als gevolg vochtaantasting door de open verbinding tussen de kruipruimte en de spouw. Ik ben daardoor wellicht op dit punt veel kritischer dan anderen.

  16. Kortgeleden is bij ons spouwmuurisolatie toegepast
    het is een 30e jaren huis met spouw van tussen de 4 en 6 cm.
    maar de vraag gaat eigenlijk over het aantal renovatie roosters er nou moet worden geplaatst voor de ventilatie van de kruipruimte.
    de originele rooster worden dicht gemetseld en er worden nieuwe geboord van buitengevel naar de kruipruimte rechtstreeks
    maar hier kreeg ik een meningsverschil met de uitvoerder
    nl voor in de woning kwamen er 2 rooster en achter rechts maar 1
    reden is dat er een aanbouw links zit.(waarom dan niet linksachter zijgevel eentje geboord)
    dus krijg je aan 1 kant geen ventilatie?
    kunt u dit bevestigen of denkt u dat dit geen probleem gaat geven.
    vloer is zo`n 55m2

    Met vriendelijke groet,

    • Hoeveel ventilatie heeft de kruipruimte bij een houten begane grondvloer nodig? Met aan iedere zijde evenveel roosters heb ik dan genoeg?

      In theorie kan op basis van de vochtproductie (=verdamping van vocht uit de bodem), de temperatuur in de kruipruimte en die van de buitenlucht de benodigde ventilatiecapaciteit berekend worden. Dit kan weer vertaald worden naar een benodigde capaciteit van de ventilatieroosters.

      De praktijk is evenwel weerbarstiger. Om een voorbeeld te noemen. Er stroomt pas lucht door een ventilatierooster als er sprake is van drukverschil. Dit laatste is afhankelijk van de winddruk. Bijvoorbeeld een plant, een struik of windturbulentie bij een hoek van de woning kan er al voorzorgen dat de winddruk bij het rooster minimaal wordt. En er is dus weinig lucht door het kruipruimte ventilatierooster stroomt.

      Een ander aspect is of met de ventilatie de gehele kruipruimte “doorspoeld” wordt. Luchtstromen nemen de weg van de minste weerstand. De kortste weg is dat meestal maar hoeft zeker niet. De temperaturen aan de onderzijde van de begane grondvloer hebben hier een grote invloed op. En met name als op de begane grond niet overal even “hard gestookt” wordt.

      Er zijn dus allerlei factoren te benoemen waardoor de kans groot is dat de kruipruimteventilatie het niet doet zoals zou moeten. De praktijk is evenwel dat het wonderbaarlijk vaak goed gaat. Ook in gevallen waar het aantal kruipruimte ventilatieroosters teruggebracht is. Het omgekeerde komt ook voor. Ondanks dat het ventilatiecapaciteit van de roosters voldoet aan de oude vuistregels, 4 cm2 per m2 kruipruimte, is er toch houtrot aan de balklaag ontstaan. Een keiharde uitspraak is dan ook niet te doen.

      Het enige juiste advies is dan ook om het probleem bij de bron aan te pakken. En dat is bij de vochtproductie. En dit kan heel eenvoudig. Landbouwplastic op de bodem van de kruipruimte, gefixeerd met enkele stenen, doet hier wonderen. Als er in de kruipruimte regelmatig een flinke laag water staat dan is het bevestigen van de folie aan de fundering aan te raden.

      Het is misschien goed om op te merken dat uit vochtig zand meer vocht per uur verdampt dan uit een plas water. Dit komt omdat het verdampingsoppervlak van zand meer dan het honderdvoudige als van een plas water.

  17. Heb een betonnen kruipruimte met een toegangsluik bij de voordeur. Onlangs viel het mij op dat de vloer om het luik vochtig was met een aanzetten van schimmel tegen het raamkozijn naast de voordeur. Heb het Luik geopend waarna er een vochtige warme lucht opsteekt vanuit de kruipruimte. Gevoelstemperatuur hoger dan in de gang naast de voordeur. Woning is gebouwd in 1999, voorzien van vloerisolatie aan de onderzijde en vloerverwarming in de vloer. Woning is aangesloten op stadsverwarming. Volgens mij zou een kruipruimte koel moeten zijn met een redelijk constante temperatuur?.

    • Dat de temperatuur in de kruipruimte afwijkt van hetgeen verwacht mag worden, geeft aan dat er sprake is van bijzondere situatie. Deze bijzondere situatie zorgt naast energieverlies voor vochtproblemen. Dat laatste is meestal eenvoudig en met beperkte kosten op te lossen.

      De damp die uit het kruipruimte kwam, duidt er op dat de lucht in de kruipruimte veel meer waterdamp bevat dan normaal het geval is. En dat de temperatuur in de kruipruimte hoog is. Mogelijk zelfs hoger dan in huis.

      In dergelijke gevallen kan iedere opening, kier of scheur in de begane grondvloer leiden tot een vochtprobleem of schimmelprobleem. In deze situatie is het überhaupt aan te raden om de begane grondvloer te controleren op openingen rondom doorvoeren van riolering, water- en gasleidingen en leidingen van de stadsverwarming en de cv. Deze doorvoeren zijn bijna altijd met eenvoudige middelen af te dichten.

      De schimmel op het kozijn bij de voordeur is een indicatie dat het kruipruimteluik niet voorzien is van een goed werkende kierdichting. Gelet op het bouwjaar zou het mij niet verbazen dat deze geheel ontbreekt. Het advies is dan ook om dit te controleren en zo nodig een rubberen kierdichting aan te brengen.

      Het zou overigens ook kunnen dat het vocht dat zorgt voor de schimmelgroei op het kozijn afkomstig is uit de spouw van de muur. Het komt heel vaak dat de roosters voor de kruipruimteventilatie aan de binnenzijde niet goed aansluiten op het metselwerk. Dit heeft tot gevolg dat er een opening is waardoor lucht uit de kruipruimte in de spouw kan komen. Dit is niet gewenst en zeker niet in een situatie waarbij het absolute vochtgehalte in de kruipruimtelucht hoog is. Daarom ook het advies om dit in de kruipruimte controleren en zo nodig de ongewenste openingen dicht te maken. In de regel kan dit met kit.

      De waterdamp in de lucht van de kruipruimte is afkomstig uit de bodem van de kruipruimte. Ik ga er even vanuit dat er niet voortdurend water in de kruipruimte staat en dat er geen sprake is van een lekkage van de riolering. Met een folie, bijvoorbeeld landbouwplastic, op de bodem van de kruipruimte kan de verdamping van het vocht uit de bodem tot een fractie van het oorspronkelijke teruggebracht worden. Deze folie hoeft niet aan de fundering bevestigd worden maar wel moet het tegen verschuiven e.d. gefixeerd worden. Bijvoorbeeld door stenen.

      De kosten van de bovenstaande maatregelen om problemen door vocht uit de kruipruimte te voorkomen zijn beperkt. Dit geldt waarschijnlijk niet voor de oorzaak van de hoge temperaturen in de kruipruimte. Het kan zijn dat de isolatie van begane grondvloer beperkt is en daardoor de lucht in de kruipruimte opwarmt. Het verbeteren van de vloerisolatie is dan zeker aan te overwegen.

      Een andere mogelijkheid is dat er door de kruipruimte leidingen van de stadsverwarming lopen die onvoldoende geïsoleerd zijn. Of dat hiervan bij een deel van de leiding de isolatie ontbreekt. De mogelijkheden om dan daarin verandering te brengen, zijn dan meestal niet aanwezig of kostbaar.

      Als er leidingen van de eigen cv-installatie door de kruipruimte lopen, dan zijn deze meestal maar zeer beperkt geïsoleerd. Een 1 à 1,5 cm dikke isolatielaag is voor een cv-leiding in de kruipruimte beslist te weinig om cv-leiding met een watertemperatuur van 30 graden of meer zo te isoleren dat het warmteverlies naar de omringende lucht minimaal is. Onvoldoende isolatie betekent niks anders dan dat de kruipruimte verwarmd wordt en dat is onnodig.

      Tot slot is het goed om op te merken dat niet uitgesloten mag worden dat vochtige vloer rondom het kruipruimteluik en het voordeurkozijn (mede) het gevolg is van lekkage. Door de gevel of van leiding zijn de oorzaken waaraan dan aan gedacht moet worden.

  18. In onze woning (bouwjaar ca. 1900) doet zich het opvallende verschijnsel voor dat de balkkoppen in de westgevel allemaal ernstig door vocht zijn aangetast maar die in de oostgevel puntgaaf zijn. Ook de opleggingen van de onderslagbalk op gemetselde poeren zijn in goede staat. Het betreft een geschakelde woning dus de oostgevel is een brandmuur (met ventilatieopeningen) maar ook de buurman heeft in de geventileerde oostgevel geen problemen met de opleggingen. Wijst dit er niet op dat zoals sommigen zeggen de ventilatie in de winter moet worden afgesloten? Mijn verklaring is dat de binnentredende westenwind (altijd betrekkelijk warm en vochtig – Noord-Holland) ’s winters condenseert op de koude fundering en daarmee de balkkoppen blootstelt aan constante vochtbelasting. De oostenwind zal ’s winters doorgaans kouder zijn en (daardoor) droger zodat er minder condensatie optreedt.

    Bij oudere woningen hier in de Zaanstreek zie ik inderdaad nog wel dat bewoners de ventilatieopeningen in de winter dicht hebben. Dit ondanks de zeer hoge grondwaterstand! Het zal allicht ook een gunstig effect op het wooncomfort hebben. De ventilatieopeningen (in ieder geval die op het westen) dus maar afsluiten?

    • Het komt nogal eens een keertje voor dat begane grondvloer bij oudere woningen verre van luchtdicht is én dat de kruipruimteventilatie veel meer is dan nodig. In zulke gevallen is het niet verwonderlijk dat mensen de ventilatieopeningen dichtzetten om te voorkomen dat het te koud wordt in de woning.

      Condensatie op houten balken in de kruipruimte is niet direct een probleem mits het in de zomer kan drogen. Door TNO is e.e.a. in de jaren zestig uitvoerig onderzocht. De conclusie was toen dat condensatie tegen de houten balken van de begane grondvloer nauwelijks optreedt en daardoor geen probleem is. Dit heeft o.a. te maken met de temperatuursverschillen in de kruipruimte. Bij de balken is de temperatuur het hoogst en daarmee is de kans op condensatie heel, heel klein. Wie zich hierover zorgen maakt, kan tegen weinig kosten een hele effectieve maatregel treffen. Een folie op de bodem van de kruipruimte doet wonderen.

      Aan de rotte balkkoppen aan de westgevel liggen waarschijnlijk meerdere factoren ten grondslag, zoals optrekkend vocht, regenwaterabsorptie, regenbelasting en onvoldoende droging door bezonning en wind.

      Aan de westgevel is de regenbelasting het hoogst. Hoeveel hiervan door metselwerk opgenomen wordt, hangt af van de poriënstructuur van de baksteen en het voegwerk. En niet te vergeten van de patinalaag op het metselwerk. Als de gevel gereinigd is, dan neemt de waterabsorptie fors tot zeer fors toe. Als het regenwater dat op het maaiveld valt, afwatert in de richting van de gevel dan doet dat er ook geen goed aan.

      Aan de oostgevel is de regenbelasting veel lager. Dit kan al zo’n verschil opleveren dat hier geen problemen ontstaan.

      Om rotte balkkoppen aan de westgevel in de toekomst te voorkomen, moet primair gedacht worden aan maatregelen waarbij het hout niet contact komt met het metselwerk. Dus de balkkoppen vrij houden van het metselwerk en onder de balkkop een keramische tegel leggen. Wellicht aangevuld met maatregelen tegen optrekkend vocht en waterabsorptie.

      Het is misschien goed om nogmaals op te merken dat vochtproblemen in metselwerk zeer zelden ontstaan als gevolg van 1 probleem maar dat het gaat om een combinatie van factoren. Én dat bij poreuze materialen een vochtbelasting gedurende een beperkte periode niet direct een probleem is mits daarna droging op kan treden. Meer hierover in >>>

  19. Wij wonen in een huis uit 2003, met een betonvloer met Rc=2,5 voorzien van Parket zonder vloerverwarming. De kruipruimte (veengrond) is vaak vochtig tot nat. Ik vind de vloer vaak koud optrekken en soms als het heel vochtig is ruik je de veenlucht binnen.
    Ik dacht dat PS schelpen op de bodem 2 oplossingen kunnen bieden:
    1-PS schelpen zorgen voor een drogere kruipruimte doordat vocht van warmelucht naar koude stroomt en dus condenseert onder de PS schelpen.
    2- En het verhoogt de oppervlakte temperatuur van de BG vloer. Als ik e.e.a. in Uwerth uitreken kom ik bij een binnen temp van 20grC en een bodem temp van 10 grC: on geïsoleerde kruipruimte 50cm: binnen oppervlakte temp BG vloer = 19,2 grC. Met 20cm PS korrels op de bodem en rest 30cm kruipruimte: Binnen oppervlakte temp BG vloer= 19,7 gcC.
    Klopt deze redenering, en zou deze aanpak “voelbaar” schelen in de vloer temperatuur?
    Vriendelijke groet C

    • De oorzaak van de veenlucht die soms binnen geroken wordt, is 1 of meerdere luchtlekken in de begane grondvloer. Het advies is dan ook alle doorvoeringen door de begane grond te controleren en zo nodig dicht te zetten. Deze maatregel heeft naast dat het vocht tegenhoudt, voorkomt ook een onnodige blootstelling aan lucht uit de kruipruimte.

      Idealiter is voor het goed thermisch comfort een temperatuur bij de voeten ongeveer 24 graden nodig en bij het hoofd zo’n 18 graden. Het is dan twijfelachtig of een verhoging van een halve graad voldoende is het probleem van het thermisch comfort op te lossen.

      Het is misschien goed om op te merken dat het thermisch comfort bij de voeten bepaald wordt door een groot aantal factoren. Naast de vloertemperatuur spelen hierbij o.a. ook de warmtestralingsoverdracht en -balans, de warmtegeleiding van de vloerafwerking, thermische massa van de vloerafwerking, de ruimtetemperatuur, de thermische eigenschappen van schoenen en kleding een rol. En niet te vergeten de mate van activiteit en persoonlijke eigenschappen. Niet onvermeld mag blijven dat deze laatste in de loop van de jaren veranderen. Dit biedt veel mogelijkheden om in het thermisch comfort te sturen maar wel het grote risico dat het beoogde effect niet wordt behaald.

  20. Geachte heer Snepvangers,

    Wat veel verhelderende informatie, dank u wel daarvoor.
    Ik heb een tussenwoning uit begin jaren 50, met als kruipruimte een betonnen bak waar zand in ligt.
    Hierboven een houten ondervloer met hierop een eiken vloer, de draagbalken van de ondervloer zitten in de muur.
    De kruipruimte is 30-35 diep en m.i. zeer droog, je kunt het tussen de vingers weg laten lopen.
    De keren dat ik het kruipluik open had voelde ik het “waaien” dus volgens mij zit het met de ventilatie wel goed.
    Nu zou ik graag de vloer willen isoleren en gezien de hoogte van de kruipruimte is van alle opties EPS schelpen de enige bruikbare volgens mij.

    Zou u mij aanraden om gezien het droge zand wel of geen landbouwplastic onder de schelpen te plaatsen?
    En wat zou in verband met de ventilatie de maximale hoogte van de schelpen mogen zijn? 20 cm of zou 25 ook nog kunnen?

    Hartelijk dank voor uw reactie,
    Met vriendelijke groet J.Plas

    • Als er inderdaad onder het losse zand een betonlaag ligt, hetgeen wel vaker voorkomt, kan er geen vocht in de kruipruimte komen. Uitgezonderd die gevallen waarbij langs de randen van de vloer regenwater alsnog in de kruipruimte komt. Daar het ventilatievoud van de kruipruimte mogelijk hoog ligt, is niet te beoordelen of er regenwater in de kruipruimte komt. Dit komt omdat bij een hoog ventilatievoud de droging groot is.
      Overigens is de constatering dat “het waait” onvoldoende om te constateren dat de kruipruimte goed geventileerd wordt. Het kan namelijk zijn dat de ventilatie alleen functioneert als het kruipruimteluik open staat. In dit geval lijkt de kans hierop klein.

      Een folie op de bodem doet niets anders dan het beton op de bodem van de kruipruimte. Door beide komt nauwelijks vocht. Voor het beton geldt wel als voorwaarde dat het minimaal zo’n 7 cm dik moet zijn én zeer goed verdicht. Het laatste is niet altijd het geval.

      Gelet op de houten vloerconstructie is het niet onverstandig om enige ventilatie van de kruipruimte te handhaven. Als de vrije hoogte in de kruipruimte afneemt door het isoleren, zullen de ventilatiestromen meer weerstand ondervinden. Daardoor neemt het ventilatievoud af. Hoeveel dit is, hangt o.a. de plaats van de ventilatieroosters, de vorm van de kruipruimte en onderbrekingen door funderingsbalken. Het is daarom niet mogelijk om op afstand te zeggen wat de minimale afstand tussen de houten balken en de isolatie moet zijn.

      Een kruipruimte met een vrije hoogte van 30 à 35 cm is eigenlijk al te laag om in te kruipen. Dit kan een keer handig zijn om bijvoorbeeld een leiding te repareren. Het aanbrengen van een isolatie op de bodem van de kruipruimte brengt hierin in dit geval geen verandering. Dit heeft in dit geval dan ook geen invloed op de keuze van het isolatiemateriaal.

  21. Goedemorgen,

    Wat een zeer kundige adviezen op deze pagina. Dank hiervoor. Nu mijn persoonlijke vraag. Ik ben onlangs verhuisd naar een woonhuis uit 1934 met een houten balklaag op de benedenverdieping. De vorige eigenaar van de woning had de ventilatiekanalen met glaswol gevuld. Onlangs zijn de spouwmuren geisoleerd met hr++ parels. De oude ventilatiekanalen (via spouw) zijn nu dichtgevoegd. Nu is er geen kruipruimte, maar wel een kleine ventilatieruimte onder de houten balklaag van zo’n 35 cm, bedekt met gele zand. Er lopen ook stalen leidingen in (niet tegen de buitenmuur). Je kunt hier niet meer in (dichtgetimmerd, ook door de vorige eigenaar). Er zijn op dit moment geen bekende vochtproblemen of vreemde geuren. Nu mijn vraag: Heeft het zin om renovatieroosters te plaatsen? Ik dank u voor uw reactie.

    • Van een kruipruimte die niet toegankelijk is, word ik nooit enthousiast. Zeker niet als er ook stalen leidingen doorlopen. En als het een gasleiding betreft, dan vindt ik het zelfs zeer bedenkelijk. (Ernstige) roestvorming aan een gasleiding is wel het laatste wat is je wil. Het is voor niets dat al sinds 1986 stalen gasleidingen in de kruipruimte zonder gesloten mantelbuis niet meer aangelegd mogen worden.

      Het aanbrengen van renovatieroosters is in deze situatie zeker aan te raden. Of het dit resultaat brengt wat je ermee wilt bereiken is niet geheel te voorspellen. Dit hangt af van de doorspoeling van de kruipruimte met de ventilatielucht. Een hoogte van slechts 35 cm is hierbij complicerende factor. Het is evenwel geen reden om geen renovatieroosters aan te brengen. Zorg ervoor dat ze niet achter planten e.d. verstopt worden. Dit kan er namelijk voorzorgen dat ze niet of nauwelijks functioneren.

      Verder is het advies om te zorgen dat de kruipruimte weer toegankelijk wordt. Het is helaas soms zo dat fouten van vorige eigenaren door de volgende opgelost moeten worden.

      • Dank voor het informatief artikel!
        Waarom deze reactie:

        De kruipruimte onder onze woning, is gevuld met een dikke laag Drowa chips. Deze chips drijven op het grondwater.

        Om het grondwater weg te pompen is er destijds in een verdiept geplaatste cementkuip een pomp geplaatst die automatisch aanslaat als de kuip zich met water heeft gevuld. De wanden van de kuip zijn geperforeerd. Nu is het zo dat bij het opvullen van de kruipruimte met de Drowa chips de pomp is uitgezet. Ook zijn de ventilatiekanalen [Ubink] die de kruipruimte ventileerden, toen[?] volgespoten met purschuim.

        Enkele gegevens:

        -wij hebben de woning sinds maart in ons bezit.
        -de woning is geheel van hout op een stenen fundering
        -de woning is in 1990 gebouwd en in 2002 vergroot
        -de kruipruimte is ongeveer 10 jaar geleden met een dikke laag Drowa chips gevuld
        -de pomp is toen uitgezet en wij constateerden nu dat de chips dreven.
        -we zitten hier op het zand waaronder een keileemlaag
        -er is destijds schimmelvorming geconstateerd voordat de kruipruimte werd gevuld. Bij een latere controle bleek er geen schimmelvorming meer te zijn.

        Nu:

        -de pomp werkt weer
        -de chips drijven niet meer
        -de houten vloer is droog aan de onderkant
        -het ruikt niet muf in de kruipruimte
        -in de vloer zitten in twee vertrekken in totaal 4 convectorputten

        Vraag: moeten wij de ventilatiekanalen weer open maken?

        groet
        Hans van Sterkenburg

        • In de laag Drowa chips wordt het transportmechanisme bepaald door diffusie. Diffusie is een proces waarbij de waterdamp zich zeer langzaam verspreidt. De hoeveelheden vocht die door deze laag Drowa chips komen, zijn dan ook minimaal. Interessant is hierbij om op te merken dat het niet uitmaakt of de Drowa chips op het water drijven of niet.

          Op grond van de zeer geringe vochtproductie in de kruipruimte kom ik niet direct tot de conclusie dat in dit geval, een houten begane grondvloer, ventilatie van de kruipruimte noodzakelijk is. Maar helemaal uitgesloten kan het ook niet worden.

          Daarom adviseer ik de situatie in de kruipruimte een paar keer per jaar in ogenschouw te nemen en op grond daarvan over het ventileren van de kruipruimte een beslissing te nemen. Aan het ventileren van de kruipruimte zijn ook nadelen verbonden.

          De belangrijkste is het energieverlies door de kruipruimteventilatie. In de zomermaanden kan onder bepaalde omstandigheden in de kruipruimte zomercondens optreden waardoor juist algen en schimmels op het hout gaan groeien. Het is lastig om in te schatten of dit optreedt en hoe vaak.

  22. Vandaag is een loodgieter komen kijken in onze kruipruimte. We hebben een paar maanden geleden namelijk een woning gekocht en heb net ontdekt, dat de kruipruimte behoorlijk vochtig is. Ik ben daarna ook bij de buren gaan kijken en daar was het allemaal veel droger. Dit kan ook zijn, omdat wij op de hoek van het rijtje wonen met een grote uitbouw. Toen ik de mat en het luik weghaalde zag ik al de schimmelplekken zitten. Het rook er ook muf en het zand was vochtig. Onder de meterkast bleek de waterleiding vol met condens te zitten en aan het plafond van de kruipruimte (de vloerisolatie) hingen allemaal kleine druppeltjes. Naar mijn mening niet oké, maar de loodgieter van vandaag vertelde, dat het allemaal prima in orde was. Is echter een extra ventilatie gat niet hard nodig hier? Of zijn er andere oplossingen.

    • Niet genoeg herhaald kan worden dat vocht en water in de kruipruimte geen probleem vormen tenzij: de begane grondvloer van hout is
      of als er een stalen gasleiding zonder mantelbuis door de kruipruimte loopt
      of bij bepaalde lichtgewicht betonnen vloerconstructie er onvoldoende geïsoleerde CV-leidingen door de kruipruimte lopen.

      Verder is het natuurlijk niet de bedoeling dat het vocht uit de kruipruimte in de woning komt. Daarom moet de begane grondvloer goed luchtdicht zijn.

      Na 1965 worden praktisch alle begane grondvloeren van beton gemaakt. Beton is een vochtongevoelig materiaal. Dat geldt ook voor de vloerisolatie tenzij hiervoor glaswol of steenwol gebruikt is. Het laatste komt praktisch nooit voor. Bij vochtongevoelige materialen is er geen reden om zich zorgen te maken over condensvorming aan leidingen en tegen de isolatie.

      De enige situatie waarbij een hoog vochtgehalte in de kruipruimte wel problemen kan veroorzaken. En dat is als er onvoldoende geïsoleerde CV-leidingen door de kruipruimte lopen. In het stookseizoen kan dan het vochtgehalte door de hoge temperatuur in de kruipruimte zo hoop oplopen dat er gesproken kan worden van een sauna in de kruipruimte. Bij bepaalde lichtgewicht betonnen vloerconstructies kan dat leiden tot vochtproblemen binnen.

      Schimmelvorming bij het kruipruimteluik is praktisch altijd het gevolg van onvoldoende kierafdichting. Meestal in combinatie met een materiaal dat niet geschikt is voor een kruipruimteluik. Een kruipruimteluik moet voorzien zijn van een dubbele kierdichting en gemaakt zijn van een vochtbestendig materiaal. Hout is dat niet.

      De beste methode om een droge kruipruimte te krijgen is overigens niet meer ventileren maar een folie op de bodem van de kruipruimte leggen. Behalve als er regelmatig grondwater in de kruipruimte staat, behoeft deze niet tegen de fundering bevestigd te worden. Hier en daar fixeren met een steen is dan voldoende.

  23. Wij hebben een droge kruipruimte en zouden graag willen weten wat we hieraan kunnen doen? Probleem is dat wij hete luchtverwarming hebben met roosters door het hele huis. deze verwarming is aangesloten op de kruipruimte waardoor wij last hebben van droge lucht. HELP

    • Impliciet ligt in de vraagstelling de veronderstelling dat met een vochtige kruipruimte ook het probleem van de droge lucht in de woning wordt verholpen.

      Er moet onderscheid gemaakt worden tussen het ervaren van droge lucht en een droge kruipruimte. Deze beide hebben niets met elkaar te maken tenzij de begane grond niet luchtdicht is. De oplossing tegen de droge lucht is dan ook niet het vochtigere maken van de kruipruimte.

      Wat ervaren wordt als droge lucht, is niet zozeer de droge lucht op zichzelf. Het zijn de verontreinigingen van de lucht die er voorzorgen dat de lucht als droog ervaren wordt. Het bevochtigen van de lucht is dan ook niet remedie voor de klacht. In meest gunstige geval wordt hierdoor de ernst van de klachten minder.

      Bij luchtverwarmingssystemen komen de klachten over droge lucht vaker voor dan bij andere verwarmingssystemen. Er zijn een aantal factoren die hierbij een rol spelen zijn. Twee ervan wil ik hier noemen. Bij luchtverwarmingssystemen zorgt dit systeem ook voor de luchtverversing. Geregeld komt het voor dat de toevoer van frisse lucht veel lager is dan het Bouwbesluit minimaal vereist. Dit betekent dat verontreinigingen van de binnenlucht onvoldoende worden afgevoerd. Overigens zijn de eisen van het Bouwbesluit in de regel te laag voor een gezond binnenmilieu.
      Dit is overigens prima te verhelpen door de installatie goed te laten inregelen.

      Een ander probleem dat geregeld voorkomt is dat in de kruipruimte de onderlinge aansluitingen van de kanalen lekken. En ook de doorvoeren bij de inblaasroosters zijn vaak niet luchtdicht. Het gevolg hiervan is dat lucht uit het luchtverwarmingssysteem de kruipruimte ingeblazen wordt om vervolgens via openingen, naden en kieren in de woning geblazen te worden. Lucht die door de kruipruimte gecirculeerd heeft, kan niet als schoon bestempeld worden. En volgens het Bouwbesluit mag het ook niet. Het enige voordeel hiervan, en zeg ik het wat cynisch, is dat de kruipruimte droog wordt en blijft.
      De oplossing is hier om op kierenjacht te gaan en alle openingen in de begane grondvloer af te dichten. Tevens te controleren of alle aansluitingen luchtdicht zijn. En er bij de inblaasroosters geen openingen zijn waarlangs lucht uit de kruipruimte in de woning kan komen.

      Verder adviseer ik om na te gaan of het luchtverwarmingssysteem kan voorzien worden van een F7-filter. Dit leidt tot een betere luchtkwaliteit.

  24. Mag ik even op het volgende inhaken:

    De beste methode om een droge kruipruimte te krijgen is overigens niet meer ventileren maar een folie op de bodem van de kruipruimte leggen. Behalve als er regelmatig grondwater in de kruipruimte staat, behoeft deze niet tegen de fundering bevestigd te worden. Hier en daar fixeren met een steen is dan voldoende.

    Wij hebben een woning van 2000 prima geisoleerd etc. geen water in de kruipruimte wel enigzins vochtig wat je van een kruipruimte verwacht.
    Nu hebben wij de ruimte onder de bijkeuken in gebruik voor de opslag van hout-pellets, deze zitten in zakken en zijn behoorlijk hygroscopisch, de bodem is afgedekt met dekzeil (waterdicht) en aan de zijkanten met stenen strak gelegd, de kruipruimte onder de bijkeuken heeft een opening van 20cm x 20cm naar de ruimte onder het huis.
    Ik had al eerder een hygrometer geplaatst en geconstateerd dat waardes tussen 75 en 85% veelvuldig voorkomen.
    Na 2 maanden geleden een eenvoudige toilet ventilator met ingebouwde hygrosensor geplaatst te hebben voor 96m3 p/hr constateer ik hoofdzakelijk nog een vochtgehalte van 80%, is een maand geleden nog even 90% geweest maar steevast 80%.

    Hoe kan ik deze vochtigheid naar beneden krijgen?
    De ruimte is hooguit 24m2 (3 x 8 x 1mtr).
    De ventilator blaast naar buiten via een standaard kanaal van kruipruimte door stukje spouw naar buiten.

    Moet ik de kanten dicht plakken/purren eventueel met bouwplastic dichtmaken en ook iedere opening hoe klein ook naar de andere kruipruimte dichtmaken of zijn er nog andere opties?

    Met vriendelijke groet,
    Marco

    • De relatieve luchtvochtigheid in een licht geventileerde kruipruimte is afhankelijk van de buitencondities en de vochtproductie in de kruipruimte. Als er een folie op de bodem van de kruipruimte ligt, kan bij een licht geventileerde kruipruimte de vochtproductie verwaarloosd worden.

      Met een folie op de bodem wordt de relatieve luchtvochtigheid in een licht geventileerde kruipruimte primair bepaald door het absolute vochtgehalte van de buitenlucht en de temperatuur in de kruipruimte. Als warme vochtige lucht van buiten in de koelere kruipruimte komt zal de relatieve luchtvochtigheid stijgen. Bij warm en benauwd weer kan dat zelfs meer dan 90 % worden. In de winter werkt het anders om dan daalt de relatieve luchtvochtigheid als de koude lucht van buiten in de relatieve warme kruipruimte komt.

      Het aanbrengen van een mechanische ventilatie werkt in de zomermaanden averechts. De relatieve luchtvochtigheid stijgt hierdoor. Het is niet voor niets dat voor kelders geldt deze in de zomer niet geventileerd moeten om schimmelgroei te voorkomen.

      Het advies kan dan ook niet anders zijn dan de mechanische ventilatie te verwijderen. Het gebruik ervan in de winter is ook niet aan te raden om dan de kruipruimte onnodig afkoelt en daardoor tot energieverlies. De enige goede oplossing voor dit opslagprobleem is om de hout-pellets op te slaan in kunststof zakken die dampdicht zijn en goed geseald worden.

  25. Onze woning uit 1988 heeft een kruipruimte waar vaak een laag van 20 tot 30 cm water in staat (grondwater). De vloer van de kruipruimte is een betonnen laag van 5 cm (dus geen zand). De beganegrondvloer is een kanaalplatenvloer. Deze vloer is geisoleerd met een laag van 5cm tempex.De kruipruimte is niet geventileerd.De funderingsmuren zijn verzadigd van het vocht en aan het tempex hangen grote vochtdruppels. Wij hebben een kruipruimteinspectie laten uitvoeren en het advies was om renovatiekokers aan te brengen. Een vochtexpert gaf aan een laag chips op de bodem aan te brengen. Wat is wijsheid?

    • Als bij mij de vraag komt om de kruipruimte te inspecteren want er staat water in, dan is mijn wedervraag bij een woning uit 1988 met een betonnen vloer, zijn er vochtproblemen in de woning? Waarom deze vraag? Door het beton komt geen vocht in de woning. Tenzij er gaten of scheuren inzitten. Of als het beton heel slecht uitgevoerd is. Scheuren en gaten in de vloer kunnen met betrekkelijk eenvoudige middelen dicht gemaakt worden. Ook het kruipruimteluik kan goed kierdicht gemaakt worden.

      Het tempex waar de vloer mee geïsoleerd is, is een vochtbestendig materiaal. Druppels aan de onderzijde tasten het niet aan. Ook funderingen worden niet door het vocht aangetast. Dit zijn dus geen redenen om de kruipruimte te gaan ventileren. Het advies om renovatiekokers aan te brengen kan ik dan ook niet onderbouwen. Overigens voorkomt kruipruimteventilatie niet dat er in de zomermaanden condensvorming op zal treden.

      Een laag chips op de bodem van de kruipruimte vermindert het energieverlies in de richting van de bodem. Daarom is het het overwegen waard. Overigens is het verbeteren van de isolatie aan de onderzijde van de begane grondvloer effectiever.

  26. Onze woning betreft een oude woning met 2 kruipruimtes. In de ene kruipruimte dient getijgerd te worden en in de ander kan men kruipen. Beide betreft een zeer kleiige grond. Hier blijft water staan en om te voorkomen dat dit in de kelder stroomt zijn er dompelpompen geplaatst. Het betreft een houten vloer welke aan de onderzijde is geïsoleerd dmv tempex. Ook zijn er ventilatie kokers geplaatst.
    Helaas staat er altijd water in de kruipruimte. De vloer is overigens ondersteund door op elkaar gemetselde stenen onder de bakken met een materiaal ertussen de steen en balk.
    Heeft het zin om de kleiige grond te vervangen door geel zand? En meer zand zodat deze voor noodzaken nog te bereiken is, Maar grondwater minder kans heeft?

    • Is grondwater in de kruipruimte een probleem? Dat hoeft helemaal niet. Wat het echte probleem is, is bij houten vloeren houtrot. Dat ontstaat als de luchtvochtigheid ter plaatse van de houten balken langdurig zeer hoog is.

      In dit geval is onder de balken tempex als isolatie aangebracht. Dat betekent bij een geventileerde kruipruimte onder een normaal verwarmde woning dat de temperatuur boven de tempex in de winterperiode beduidend hoger zal zijn dan die in de kruipruimte. Dit betekent automatisch dat de relatieve luchtvochtigheid boven de tempex beduidend lager zal zijn. Hoe groot het verschil is, hangt af van de isolatiewaarde van de tempex en van de begane grondvloer en de afwerking daarop.

      In de zomer als de temperatuur in de kruipruimte stijgt, dan ontstaat er een andere situatie. dan zijn de verschillen tussen de relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte en boven de tempex gering. Dat betekent bij een hoge relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte de relatieve luchtigheid boven de tempex ook hoog zal zijn. En daarmee is er gevaar op het ontstaan van houtrot. Hoe snel de relatieve vochtigheid boven de tempex stijgt, hangt of van de vochttransport door de tempex en de naden tussen de platen.

      Hoe e.e.a. in de praktijk uitpakt, is voor metingen over een zeer lange periode niet goed te voorspellen. Vaak gaat het goed maar soms niet. Daarom is het aan te raden als met beperkte kosten maatregelen getroffen kunnen worden om de kans op houtrot te verkleinen, dit ook te doen.

      Wat is het beste om te doen? Klei neemt water langzaam op en het droogt maar heel langzaam op. Zand neemt snel vocht op en geeft het ook weer snel af. Uit zand verdampt het water zelfs sneller dan uit een plas water. Dit komt omdat de grove korrelstructuur er een heel groot verdampingsoppervlak is. Zand aanbrengen in de kruipruimte om de situatie te verbeteren heeft dan ook geen zin.

      De enige remedie die echt werkt, is het aanbrengen van een folie op de bodem van de kruipruimte. In dit geval moet deze zo gefixeerd worden dat deze op zijn plaats blijft liggen als het grondwater stijgt.

  27. Mijn woning ( hoekhuis op staal gefundeerd uit 1957 in de duinen) heeft een droge kruipruimte. Ondanks het rulle zand komt er een aparte grond geur de begane verdieping in. Deze verdieping is absoluut niet luchtdicht met grote naden en kieren op diverse plekken. Wat is het beste om te doen qua geur. Houten vloer isoleren aan de onderzijde (pur, folie of iets anders). Evt de bodem bedekken met landbouw folie tegen de geur. Of een extra ventilatie rooster aanbrengen. Er zijn nu twee aan de voorkan en twee aan de zijkant van het woonhuis. Aan de achterzijde onbreekt er een wegens een uitbouw. Zal een extra ventilatie rooster helpen tegen de sterke grondgeur? Want kan ik nog meer doen behalve de begane vloer zoveel mogelijk lucht dicht te maken.

    • Deze vraag over stankoverlast uit de kruipruimte komt regelmatig terug. Zoals ik al eerder schreef is het leggen van een folie op de bodem van de kruipruimte de eerste maatregel die genomen moet worden. En vervolgens op kierenjacht gaan in de begane grondvloer. Maatregelen die in de regel weinig kosten en zeer effectief zijn.

      Het isoleren van de begane grondvloer is een uitstekend manier om de vloer luchtdicht te krijgen. Er zijn verschillende manieren om dat te doen. Persoonlijk zou ik niet kiezen voor het spuiten van purschuim tegen de onderzijde van een houten vloer. Het vocht dat in de balken aanwezig is, wordt (deels) opgesloten. Theoretisch is dit een risico. Het is moeilijk in te schatten in welke gevallen dit tot houtrot leidt. Verder zijn er schadegevallen bekend waarbij het purschuim als gevolg van een verwerkingsfout niet gereageerd heeft zoals dat zou moeten. Dit had ernstige stankoverlast tot gevolg.

      Een maatregel die ik nooit adviseer bij stankoverlast is het aanbrengen van meer ventilatievoorzieningen in de kruipruimte. Bij een begane grondvloer die niet luchtdicht is, is bijna een garantie voor meer stankoverlast.

  28. Graag zou ik onze situatie voorleggen: Vorig jaar in april verhuisd naar een tussen woning uit 1902. Bij de aankoop wisten we van optrekkend vocht in een tussenmuur met de buren. Het afgelopen jaar is gebleken dat in de zomer het vochtprobleem toenam en het ook muf in huis rook. Waarschijnlijk het gevolg van condensatie door temperatuurverschillen in de kruipruimte. Na de zomer verdween namelijk de muffe geur en droogde de muur ook.

    Omdat er geen ventilatie aanwezig was in de kruipruimte, is er in het najaar van 2016 een rooster in de voor- en achtergevel geplaatst. Dit heeft de situatie verbeterd: deze zomer eigenlijk geen onaangename geurtjes meer en een deel van de betreffende muur is helemaal droog gebleven. Helaas dus niet gehele muur. Nu vraag ik me af of het nut heeft om nog meer ventilatieroosters aan te brengen omdat ik ook lees dat dit een averechts effect kan hebben.

    Ter informatie: de vloer is van beton (het huis is gerenoveerd in de jaren 90) en we kunnen niet in de kruipruimte. Hetzelfde geldt voor de buren aan de andere kant van de tussenmuur. Ook zij hebben vochtproblemen maar omdat zij gipsplaten tegen de muur hebben, hebben ze veel minder vochtdoorslag. Ook bij hen is er geen ventilatie van de kruipruimte.

    Heeft injecteren van de muur zin?

    Alvast bedankt voor de reactie.

    • Een muffe geur hangt samen schimmelgroei. Dit kan in de ruimte zelf zelf. Maar ook kan de muffe geuren via luchtlekken in de ruimte komen. De bron kan zich bijvoorbeeld in de bodem van de kruipruimte bevinden. Dit laatste komt heel vaak voor.

      Meer ventilatie van de kruipruimte zal ervoor zorgen dat muffe geur in de kruipruimte afgevoerd wordt en tevens verdunt wordt. Dit zal ook zorgen voor een verlaging van de luchtvochtigheid in de kruipruimte. Toen deze afgesloten was, was de relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte tegen de honderd procent.

      Luchtstromen in de kruipruimte zijn moeilijk te voorspellen en kunnen bij andere weersomstandigheden anders zijn. Als er dit jaar geen problemen zijn, betekent dit nog niet automatisch dat volgend jaar er geen geuroverlast zal zijn. Daarom is het advies om toch in de begane grondvloer op kierenjacht te gaan. En niet meer ventilatieroosters te plaatsen. Meer ventilatie in de kruipruimte zorgt namelijk voor onnodig energieverlies zonder dat het de garantie biedt dat ermee de stankoverlast voorbij is.

      Voor mij is onduidelijk hoe U geconstateerd heeft dat de muur dit jaar in de zomer deels droog was. Het is dan ook moeilijk te zeggen waardoor dit komt. Dit is een vraag die eerst beantwoord moet worden voordat iets gezegd kan worden over of injecteren zinvol is.

      Gelet op de leeftijd van de woning is het überhaupt de vraag of zinvol is. De kans is namelijk reëel dat zich in de muur zouten bevinden. Injecteren kan helpen tegen optrekkend vocht maar beslist niet tegen hygroscopisch vochttransport die samenhangen met de aanwezigheid van zouten in de muur.

  29. Onlangs hebben wij een huis gekocht uit 1978. In het verleden heeft de kruipruimte van dit huis onder water gestaan. Dit zou te maken hebben gehad met wateroverlast van een naastgelegen openbare parkeerplaats. De gemeente heeft daar toen werk van gemaakt. De vorige eigenaar heeft vervolgens de kruipruimte leeggepompt. Deze is echter niet droog maar doet wat ‘blubberig’ aan. Mijn partner wil een bedrijf inschakelen om de vochtigheid te verhelpen omdat deze situatie hem voorkomt als ongezond. Ik vraag mij af of dit echt noodzakelijk is en of het leggen van folie (wat voor folie?) hier goede diensten zou kunnen bewijzen.De vloeren zijn van beton. De kruipruimte is bereikbaar vanuit een kamerkast met daarin een uitneembare houten vloer(-luik).

    Aanvulling:
    Als je vanuit de kamerkast het trappetje richting kruipruimte afgaat zijn er in de kruipruimtemuren aldaar twee openingen van circa 40 bij 50 cm, een richting woonkamer en een richting keuken. De lucht in deze kast is ook wat muf. Kan het zijn dat ik deze openingen moet afsluiten?

    • Wat is ongezond?

      Een eventueel gezondheidsrisico ontstaat pas als er sprake is van een blootstelling. En niet eerder. Om dit te voorkomen worden er al veel jaren bij nieuwbouw hoge eisen gesteld aan de luchtdichtheid van de begane grondvloer. Immers als de lucht uit de kruipruimte niet in de woning komt, dan zijn er ook geen gezondheidsrisico’s die samenhangen met de kruipruimte. Anders geformuleerd, de blubber mag gewoon blijven liggen maar zorg wel dat de begane grondvloer luchtdicht is.

      Het advies kan dan ook niet anders zijn dan op de eerste plaats ervoor te zorgen dat alle openingen, scheuren en doorvoeren in de begane grondvloer luchtdicht zijn. Dat geldt natuurlijk ook voor de openingen naar de kruipruimte in de kamerkast.

      Daarnaast adviseer ik altijd om een folie op de bodem van de kruipruimte te leggen. De kosten ervan zijn laag en het geeft wel extra zekerheid. Een bodemafsluiting kan ook gerealiseerd worden middels schelpen of kunststof “chips” e.d. De kosten van deze oplossingen zijn beduidend hoger dan die van een folie.

  30. Ik heb alles van A tot Z doorgelezen en weet nu precies wat ik moet doen met mijn kruipruimte onder een houten vloer! Ik ga aan de slag met het afdekken van het zand met folie en isolatie van de vloer aan de onderkant met thermische dekens.

    Echter waar ik nog wat extra hulp kan gebruiken, is het luchtdicht maken van de vloer. U heeft het over kierenjacht. Hoe kan ik die in de praktijk het beste uitvoeren? Gezien er een eikenhouten vloer ligt zal ik kieren vanuit de kruipruimte moeten dichten, aan de kant waar vochtwerend plaat licht, zodat het eikenhout zelf voldoende de ruimte behoudt om te werken. Klopt dat? En heeft u nog tips specifiek voor het luchtdicht maken rondom leiding doorvoer, convector putten, luiken, en tegen de muur onder de plinten?

    • Een werkbeschrijving van het luchtdicht bevestigen van de thermische dekens valt buiten het bestek van deze website. Hiervoor moet U bij de leverancier of fabrikant zijn.

      Controleer altijd of het product geschikt is om gebruikt te worden in de kruipruimte. Knelpunt is het contact van het isolatiemateriaal met de fundering. Steen- en glaswol zijn, ofschoon ze waterafstotend gemaakt zijn, niet geschikt langdurig contact met de fundering tenzij de fundering echt droog is. Dit geldt ook voor het papier van sommige isolatiedekens.

      Tot slot nog een waarschuwing. Het aanbrengen van de isolatie tussen de balken leidt in veel gevallen tot houtrot. Vaak binnen enkele jaren.

  31. Vorig jaar april heb ik EPS-korrels laten aanbrengen als bodemisolatie in mijn kruipruimte. De houtenvloer van mijn woning lijkt door het drogere klimaat in de kruipruimte te zijn gekrompen. Tussen de vloer en de plinten is een kier van enkele millimeters ontstaan, waardoor er, m.n. deze winter, enige “bodemgeur” is te ruiken en er tocht is te voelen. Nu ben ik van plan deze kieren te gaan dichten. Is het daarbij ook aan te raden de ventilatieroosters in de buitenmuur, in ieder geval ’s winters, ook af te sluiten?

    • De bodemgeur duidt erop de EPS-korrels geen voldoende luchtdichte bodemafsluiter vormen. Het afsluiten van de kruipruimte is om die reden af te raden. Als de kruipruimte niet meer geventileerd wordt, dan is in dit geval het risico dat het vochtgehalte in de kruipruimte hoger wordt dan voor het behoud van de houtenvloer goed is.

      Een optie kan zijn om de ventilatie van de kruipruimte te verminderen. Als deze aan de krappe kant, dan is dit niet aan te bevelen. Als deze heel ruim is, dan wel.

      Of de ventilatie ruim is, wordt niet alleen bepaald door het aantal kruipruimte ventilatieroosters. De luchtstromen rondom het huis bepalen uiteindelijk of er een luchtstroom door het rooster en vervolgens de kruipruimte ontstaat. Het komt voor dat een kruipruimte met veel roosters veel slechter ventileert dan 1 met slechts 3 roosters. Een advies op afstand is dan ook niet te geven.

  32. Vorig jaar hebben we in ons 2-1kap woning uit 1970, spouwmuur isolatie laten toepassen. Hiertoe heeft de firma ons geadviseerd om de spouw van buiten helemaal dicht te maken en aan weerszijde een aantal ventilatie openingen te maken, zodat de kruipruimte voldoende wordt geventileerd. Na het lezen van al het voorgaande twijfel ik of die ventilatie wel nodig is, omdat met name bij koud weer we eerder meer moeten stoken dan minder. Althans dat we voelen de kou uit de vloer komen. Is die ventilatie wel nodig? De vloer is van beton en in de kruipruimte ligt zand die redelijk droog is. Wel lopen afvoer en koudwaterleidingen door de kruipruimte. Is het dan ook verstandig om bijv. landbouwfolie op het zand te leggen. Ben benieuwd naar uw reactie

    • Ongetwijfeld zal ik de vraag al eens eerder beantwoord hebben.

      Als de begane grondvloer 100 % luchtdicht is, dan is geen ventilatie van de kruipruimte noodzakelijk. Is dit niet het geval, dan is een lichte ventilatie van de kruipruimte niet verkeerd. Hoeveel roosters dat dan moeten zijn, is moeilijk aan te geven. Vroeger waren er hiervoor vuistregels. Maar door de andere luchtstromen rondom het huis als gevolg van een andere wijze van tuininrichting dan vroeger, zijn deze niet goed bruikbaar meer. Een advies op afstand is dan ook niet te geven.

      De ventilatie kan beduidend minder zijn als er op de bodem van de kruipruimte folie ligt.

  33. We willen binnenkort ons hoekhuis uit 1974 laten isoleren. De spouwmuren zijn 5 cm breed en de vloer waar de kruipruimte (60 cm hoog) onder zit is een zogenaamde kwaaitaalvloer. Het huis is bijna 9 meter lang (zijkant) en 5,5 meter breed (voor- en achterkant) . Aan de voorkant (noordzijde) zitten 3 zwarte ventilatieroosters van 10*4 cm. Twee van de rooster zijn redelijk vrij, eentje is half dicht omdat er een steen van het pad tegenaan ligt. Verder zitten er 2 ventilatieroosters die 1 steen (verticaal) hoog zijn en 3 voegen open hebben staan. Aan de zijkant (westkant) van het huis zitten 3 van deze roosters waarvan er 2 zijn dicht gevoegd. Aan de zuidkant is een aanbouw geplaats en helaas is daar geen rekening gehouden met het plaatsen van ventilatieroosters voor de kruipruimte en daardoor zijn deze daar niet aanwezig.
    We willen de spouwmuur met EPS parels laten isoleren en de onderkant van de kwaaitaalvloer met Knauf Jetspray (minerale wol). De relatieve vochtigheid van de kruipruimte < 20%. Voor de spouw geldt een isolatiedikte van 5 cm. Voor de vloer tussen de boogelementen maximaal 15,5 cm en 5,5 cm op de balken om zo tot een geheel vlakke isolatielaag te komen.

    Ik heb enkele vragen met betrekking tot de ventilatie van de kruipruimte:

    – Worden de stenen roosters met 3 open voegen alleen gebruikt voor spouwventilatie?
    – Is de ventilatie die nu aanwezig is in de kruipruimte afdoende ook na de isolatie van de vloer?

    Alvast bedankt voor de info.

    • Uit een relatieve vochtigheid van 20 % in de kruipruimte kunnen geen conclusies getrokken worden als de temperatuur in de kruipruimte er niet bij vermeld is en de buitencondities niet bekend zijn. Daarnaast er een grote meetfout als bij de meting het luik van de kruipruimte open was. Verder is het vochtgehalte in de kruipruimte geen constantie. Het reageert op de buitencondities, de mate van ventilatie van de kruipruimte die (sterk) wisselend is en bij een niet geïsoleerd begane grondvloer op het stookgedrag. Niet vermeld is met wat voor meter de vochtmeting gedaan is. Er zijn heel wat onbetrouwbare meters in de markt. Een oordeel of de kruipruimte droog of vochtig is, kan dan ook niet op grond van een (eenmalige) meting getrokken worden.

      Open stootvoegen zijn bedoeld voor de ventilatie van de spouwmuur. En de roosters voor de ventilatie van de kruipruimte. De ventilatie van de spouwmuur moet altijd geheel gescheiden zijn van die van de kruipruimte. Als e.e.a. goed uitgevoerd is, dan is dat ook het geval. De praktijk is vaak anders.

      Zoals al vaker betoogd, zijn de oude vuistregels voor het bepalen van het aantal ventilatieroosters die nodig zijn voor het adequaat ventileren van kruipruimte, niet meer. Het is daarom niet mogelijk om op afstand een oordeel te vellen of de aanwezige ventilatieroosters volstaan. Voor de achtergrond hiervan verwijs ik naar antwoorden van mij op andere vragen.

      Gelet op de keuze voor minerale wol als isolatiemateriaal van de begane grondvloer is het (zeer) wenselijk om aandacht te schenken aan de vochthuishouding in de kruipruimte. Mijn ervaring is namelijk dat minerale wol minder geschikt is isolatiemateriaal als het vochtgehalte in de kruipruimte gemiddeld hoog tot zeer hoog is. De beste methode om het vochtgehalte in de kruipruimte fors te reduceren is het leggen van een folie op de bodem van de kruipruimte. Verwijder wel vooraf al het organisch materiaal van de bodem van de kruipruimte. Of er daarna nog extra ventilatieroosters voor de kruipruimte nodig zijn, is niet op afstand te bepalen.

      • Gezien de afnemende isolatie-eigenschappen van glaswol in vochtige omgevingen is het inderdaad nodig om een goed beeld te krijgen van de relatieve vochtigheid. Ik zal vragen of het mogelijk is om enkele nauwkeurige metingen uit te voeren.

        Is er nog zoiets als een ‘ideale’ relatieve luchtvochtigheid van de kruipruimte? En wat houdt ‘…….. vochtgehalte kruipruimte gemiddeld hoog tot zeer hoog is’ ?

        De kwaaitaalvloer zal bij het laagste punt slecht 5,5 cm isolatie bevatten en voor de rest uit de vloer zelf bestaan. Op het hoogste punt van de kwaaitaalvloer zal de isolatielaag 15,5 cm zijn en voor de rest de vloer zelf. Dit lijkt mij op het eerste geval niet de meest ideale manier van isoleren. Is dit de gebruikelijke manier bij een gewelfde vloer en zal het eindresultaat wel leiden naar een waarneembare comfort verbetering en energiebesparing?

        • De vochthuishouding in de kruipruimte is zeer complex. Dit heeft te maken met het gegeven dat er een behoorlijke temperatuurgradient is. Zowel in verticale als in horizontale richting. Daarnaast wordt de kruipruimte niet gelijkmatig geventileerd waardoor er verschillen in het vochtgehalte van de lucht ontstaan. Daar bovenop komen nog de seizoensinvloeden. Deze complexiteit maakt het vrijwel onmogelijk om uit vochtmetingen over een beperkte periode conclusies te trekken.

          Een definitie voor de ideale luchtvochtigheid in de kruipruimte is eenvoudig te geven. Dat is namelijk de vochtigheid waarbij er geen schade ontstaat. Problemen ontstaat als het vochtgehalte over een langere periode te hoog is. Als dit gedurende een korte periode (enkele weken tot maanden) het geval is en het materiaal daarna kan drogen, dan hoeft dat geen probleem te zijn. Dit leidt dat er geen harde uitspraken over de ideale luchtvochtigheid gedaan kunnen worden. Behalve te conservatieve dit in de praktijk niet haalbaar is.

          Een isolatiepakket waarvan de dikte varieert, hoeft geen probleem te zijn. Wel is het te raden om hiervan een berekening te maken. Dit moet een zogeheten koudebrugberekening zijn.

  34. Wij hebben een woning uit 1920 en hebben volgens bronnen door het hoge waterpeil veel last van optrekkend vocht. We hebben dit recent aangepakt door een aantal muren in de woonkamer en de gehele kelder te laten boren/ injecteren. Inmiddels is ook duidelijk dat de balken in de kruipruimte in de woonkamer op een aantal plekken rot zijn. We hebben op advies van een aannemer het idee om de kruipruimte te voorzien van isolatie, 10cm beton, folie met vloerverwarming met een afsmeervloer van 7cm. Hierboven op komt op termijn een houten vloer terug. Vraag: kunnen er opnieuw / andere vochtproblemen ontstaan aangezien ons huis een gemetselde fundering heeft? Is de doorluchting via de spouwmuur-kruipruimte niet van belang bij oude huizen? Daarnaast is de kelder nog steeds niet vochtvrij aangezien vocht vanuit de betonvloer omhoog komt. Alvast dank voor uw reactie.

    • Als ik het goed begrijp, is het voorstel om de kruipruimte aan te vullen en daarop een geïsoleerde betonvloer te storten. Bij een hoge grondwaterstand is dit niet de constructie die ik zou aanbevelen. De kruipruimte aanvullen met grond betekent dat de vochtbelasting hoger tegen de fundering komt. Meestal is dit hoger dan het niveau van de geïnjecteerde laag. Het gevolg is dat er opnieuw optrekkend vocht kan ontstaan die leidt tot schade.

      Daar de betonvloer vrijgehouden wordt van de fundering, ontstaat er een naad tussen de vloer en het metselwerk. Door deze naad trekt vocht naar boven. Als hiermee bij de detaillering geen rekening gehouden wordt, dan ontstaat er schade aan het stucwerk. Dit wordt dan zichtbaar boven de plint. Dit wordt vaak bestempeld als optrekkend vocht maar de oorzaak is echter een luchtlek (de naad tussen beton en metselwerk).

      Een in mijn ogen veel betere oplossing is een zogeheten renovatievloer. Er zijn hiervoor geheel droge systemen als ook meer conventionele met een gestorte druklaag. Kenmerkend voor de systemen is dat de kruipruimte dan in stand blijft. Deze oplossingen dragen dan ook niet het risico in zich dat er opnieuw optrekkend vocht ontstaat ondanks de geïnjecteerd laag in de fundering. Om de vochtbelasting te verminderen en de droging van de fundering te verbeteren is het advies om een folie op de bodem te leggen.

      Een punt van aandacht is dat de ventilatie van de kruipruimte volledig gescheiden moet zijn van die van de spouwmuur. In het verleden werd hier tegen regelmatig gezondigd. Ook bij de renovatie ventilatiekokers gaat het niet altijd goed. Vaak wordt nagelaten om in de kruipruimte aan de binnenzijde de aansluiting van de koker met de fundering luchtdicht te maken. Als dit niet gedaan wordt, dan is toch sprake van een open verbinding tussen kruipruimte en de spouw van de gevel.

  35. In ons huis van 1953 ligt een niet ge-isoleerde houten begane grond vloer.
    De bodem van de kruipruimte is over het gehele oppervlak bedekt met stampbeton.
    Het is er goed droog.
    De ventilatie geschied door een gat in het binnenblad naar de spouw.
    De bovenzijde van de spouw is dicht gemaakt i.v.m. leefbestemming van de zolder.
    Dat gat wil ik dichtmaken en renovatiekokers plaatsen voor ventilatie van de kruipruimte.
    Ik wil tussen de balken isoleren met glaswolplaten 140 mm dik.(ook dikte balklaag)
    Is het verstandig om ook nog plastic folie op het stampbeton te leggen?
    Is dit een juiste werkwijze?

    • Wat goed droog is, is een discussie waard. Ik kan U verzekeren dat in een droge kruipruimte in het voorjaar tijdens een plotselinge hittegolf de druppels aan de vloerbalken kunnen hangen. Overigens geen probleem om dit slechts gedurende een zeer korte periode optreedt. Maar dit ter zijde.

      Isoleren tussen de houten balken is niet zonder meer een goede oplossing. De isolatiewaarde van hout is veel lager dan die van glaswol. De houten balken gaan in deze opbouw fungeren als koudebruggen waardoor de effectiviteit van de aangebracht glaswol-isolatie beduidend minder wordt. Tevens kan bij deze constructie de vochtbelasting aan de onderzijde van de houten balken zo hoog worden dat hierdoor schade ontstaat. Of dit werkelijk optreedt, kan uitsluitend op basis van de thermische berekening bepaald worden.

      Voor het veilig verwerken van glaswol staan op http://www.mineralewol.net nuttige tips.

      Het is een goed idee om ervoor te zorgen dat er geen open verbinding tussen de kruipruimte en de spouw meer is. Een aandachtspunt is wel de aansluiting van de ventilatiekoker met de fundering. Deze moet aan de zijde van de kruipruimte luchtdicht zijn. Dit wordt vaak over het hoofd gezien.

  36. Ik heb een tussenwoning uit ca. 1930 van steen en wil de houten vloer begane grond (met parket) en de spouwmuren (laten) isoleren.
    De woning staat op zandgrond (Heuvelrug), het zand in de kruipruimte voelt droog aan net zoals de vloer en fundering, de hoogte van de kruipruimte is ca 80 cm onder de balklaag
    De luchtcirculatie in de kruipruimte lijkt goed maar de ventilatiegaten (opstaande stenen in het metselwerk) zijn tevens voor de ventilatie in de spouwmuren, die moet ik dus gaan scheiden van elkaar.
    Uit uw adviezen blijkt dat het aanbrengen van folie op de vloer zonder meer moet gebeuren maar hoe isoleren van vloer en muren?
    Vloerisolatie:
    Ik heb maatregelen steeds vooruit geschoven omdat ik bang ben dat ik met het isoleren vochtproblemen etc. op roep.
    Om de houten vloer te isoleren worden in de markt verschillende oplossingen aangeprezen zoals Tempex, Steenwol, Glaswol, Thermische deken en Tonzon luchtkussens (purschuim is volgens u geen optie vanwege opsluitend vocht in het hout)
    Echter met het geheel of gedeeltelijk (tussen de balken) bekleden van het hout met isolatiemateriaal vervalt de luchtcirculatie bij het hout en kan het hout dus gaan rotten zoals u zelf ook al schrijft in uw reactie op 6 januari 2018.
    “Tot slot nog een waarschuwing. Het aanbrengen van de isolatie tussen de balken leidt in veel gevallen tot houtrot. Vaak binnen enkele jaren.”
    Vraag: Hoe kan dat voorkomen worden en welk methode is de beste oplossing (materiaalkeuze dikte e.d. en aanbrengen daarvan tussen de balken of onder de balken door) ?
    Muurisolatie:
    En een kennis van mij heeft – een tiental jaren geleden – de spouw laten isoleren met als gevolg grote vochtproblemen (doorslag e.d.) en kon deze maatregel niet meer terugdraaien.
    Ook hier zijn veel producten op de markt maar kunt u mij adviseren over een juiste keuze van materiaal en methode ?

    • Bij oude woningen met gemetselde funderingen is het altijd oppassen met het isoleren van de begane grondvloer. In een gemetselde fundering is er altijd sprake van capillair vochttransport. Of dit veel of weinig is, kan niet op afstand beoordeeld worden en ook niet op grond van het vochtgehalte van de bodem in de kruipruimte. Zolang de droging in de richting van de kruipruimte voldoende is, hoeft dit niet tot vochtproblemen (optrekkend vocht) in de woning te leiden tenzij er sprake is van een zoutbelasting. De zoutbelasting kan de droging van het metselwerk ernstig belemmeren waardoor het optrekkend vocht steeds hoger komt.

      Door het isoleren van de begane grondvloer verandert de droging van de fundering. Deels door de lagere temperaturen in de kruipruimte en deels doordat de isolatie een gedeelte van de fundering “afschermt” waardoor daar geen of minder droging plaats vindt. De gewijzigde vochthuishouding in de fundering kan leiden tot een te hoge vochtbelasting van de balkkoppen die in de fundering opgelegd zijn. Tenzij er bij de bouw al voorzieningen getroffen zijn om dit te voorkomen. Ook hier geldt dat op afstand niet bepaald kan worden of dit hier daadwerkelijk speelt.

      Dat het onverstandig is om een houten begane grond te isoleren kan ook niet gesteld worden. Per geval zal wel bekeken moeten worden wat er mogelijk is en wat de risico’s zijn. Daarbij de kanttekening dat alleen tussen de balken zelden of nooit een goede oplossing is.

      Het na-isoleren van de spouw van de gevel hoeft niet tot problemen te leiden. Risicofactoren zijn de regenabsorptie van de gevel en regendoorslag. Op afstand kan niet bepaald worden of dat in deze situatie het geval is. Beide kunnen wel leiden tot een hoge vochtbelasting voor het isolatiemateriaal. Minerale wol is hier gevoelig voor en dat kan leiden tot schade. Kunststoffen kennen dat probleem niet. Een aandachtspunt voor na-isolatie van de spouw is dat deze “schoon” moet zijn. Er mogen geen vochtbruggen inzitten.

      PUR als isolatiemateriaal zou ik persoonlijk overigens niet aanraden. Sporadisch gaat er weleens iets fout bij het verwerken ervan. Dan verlopen de chemische reacties niet zoals gedacht. De problemen die daarna ontstaan, zijn dan niet niet of bijna niet meer op te lossen.

      • Graag reageer ik op je reactie aan Dennis de Lange t.a.v. het isoleren van zijn houten vloer.
        Optrekkend vocht vanuit de fundering lijkt me geen risico, aangezien de opstaande muur 80 cm boven is (hoogte kruipruimte).
        De grond is bovendien droog (zandgrond en laag grondwaterpeil).
        Als hij steenwolplaat tussen de balken aanbrengt zullen de balken aan de onderzijde weliswaar kouder worden waardoor er eerder condensatie kan optreden, maar zowel hout als steenwol ventileren voldoende om eventuele condensatie niet fataal te laten zijn.
        Bovendien zal die condensatie op jaarbasis slechts incidenteel zijn.
        De balkkoppen in de gevel zullen in temperatuur niet erg veranderen, aangezien daar niets wijzigt.
        Uiteraard is het zeer belangrijk dat de kruipruimte goed geventileerd is.

        • Volgens mij heb ik zeer genuanceerd geschreven over het risico optrekkend vocht in de beschreven situatie:

          “Of dit veel of weinig is, kan niet op afstand beoordeeld worden en ook niet op grond van het vochtgehalte van de bodem in de kruipruimte. Zolang de droging in de richting van de kruipruimte voldoende is, hoeft dit niet tot vochtproblemen (optrekkend vocht) in de woning te leiden tenzij er sprake is van een zoutbelasting. De zoutbelasting kan de droging van het metselwerk ernstig belemmeren waardoor het optrekkend vocht steeds hoger komt.”

          Mocht de stelling zijn dat er zonder een hoge grondwaterstand er geen optrekkend vocht optreedt, dan verwijs ik graag naar de publicatie van “Optrekkend vocht” van SBR. Sinds enige tijd voor een klein bedrag weer te koop.

          Het isoleren tussen en onder houten balken is uitvoerig aan bod gekomen in de publicatie “Problemen met kruipruimten”, een uitgave in de reeks “Blauwdruk” uitgegeven door de Gasunie. Deze publicatie is gebaseerd op onderzoek van TNO. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat de situatie in de zomer m.b.t. vochtbelasting van de houten balken ongunstiger is dan in de winter. Maar bovenal dat e.e.a. afhangt van de vochtbelasting in de kruipruimte. Het is dus met reden waarom ik kritisch ben t.a.v. het isoleren van de houten vloeren. Ik heb er wel de volgende nuancering in mijn stuk opgenomen:

          “Dat het onverstandig is om een houten begane grond te isoleren kan ook niet gesteld worden. Per geval zal wel bekeken moeten worden wat er mogelijk is en wat de risico’s zijn. Daarbij de kanttekening dat alleen tussen de balken zelden of nooit een goede oplossing is.” De laatste uitspraak is gebaseerd op schadegevallen.

          Door het isoleren van de begane grondvloer veranderen de warmtestromen. De kruipruimte wordt in het stookseizoen minder opgewarmd en dus kouder. Hoeveel dat is, hangt af van de situatie. Dit heeft gevolgen voor de warmtestromen die door de fundering onder de gevel gaan. Aan de binnenzijde van de fundering zal de temperatuur dalen. De stelling dat voor de balkkoppen in de gevel niets verandert, kan niet door mij onderschreven worden. Zal van geval tot geval beoordeeld moeten worden.

          Mijn reactie teruglezend, kwam ik wel tot de slotsom dat ik vergeten ben om mijn standaard advies toe te voegen: leg een folie op de bodem van de kruipruimte om de vochtbelasting (zeer) fors te verminderen.

  37. Wat een enorme hoeveelheid informatie. En toch heb ik er nog een vraag aan toe te voegen. Ik woon in een jaren 30 huis. Hout op de vloer op houten balken. Na de voordeur is een klein halletje, afgesloten met een tochtdeur. Dat halletje is niet verwarmd. Het is er behoorlijk koud. Direct na de voordeur is een luik naar de kruipruimte. Toen we het huis kochten bleek de vloerbalk verrot zo bleek bij de bouwkundige keuring. Vervangen en een extra ventilatie-gat zou de oplossing zijn. Nu echter 2 jaar verder blijkt dat de aanpalende balken ook rot zijn. Het luik en de vloerdelen eromheen zijn nat en zitten vol schimmel. Er loopt ook een ijzeren buis (gas?) die verroest is. De ‘expert’ die kwam adviseerde de hele ondervloer te verwijderen. Al lezend ben ik iets wijzer geworden. Vooral de tip om eerste de oorzaak aan te pakken, lijkt me erg zinvol.
    De rest van de houten vloer (onder de woonkamer etc) is droog. Deze heb ik met alleen steenwol geïsoleerd. Het is er voor mijn gevoel ook warmer dan in en onder het halletje. Die is ook nog kurkdroog (het is hier zandgrond). Ik vermoed sterk dat de vloer van het halletje het koudste punt is (naast de gasbuis en waterleiding) en dat hier al het vocht van de gehele kruipruimte condenseert. Is dat mogelijk? En wat is dan een oplossing? Gezien de al vele heel diverse oplossingen die Jan en alleman me gaf, heb ik behoefte aan een plan van aanpak. Is dat een (betaalde) dienst/service die je biedt? Want eigenlijk heb ik hier voor het eerst het gevoel met een echt objectief deskundige van doen te hebben.
    (zelf wil ik het zo aanpakken:
    schimmel laten testen (welke soort is het).
    Rot en aangetast hout laten verwijderen.
    Alles goed drogen (maar hoe dan)
    Eventueel anti-schimmel behandeling
    Gasleiding laten controleren / vervangen
    Ventilatie bij voordeur wel/niet dichten
    Verwarming in halletje laten aanleggen
    Wel/Niet vijverfolie op de grond
    Idem met de buitenmuur
    Nieuwe balken
    Vloerluik en vloerdelen (watervast verlijmd multiplex)
    dampremmende laag aan onderkant
    isoleren (maar hoe/waarmee)

    Van belang nog wel misschien: in het halletje ligt een kokosmat met kunststof onderkant die alles afsluit. Is dat wel een goed idee (krijg je dan niet een dampremmende laag aan de onderkant en een dampwerende laag aan de bovenkant)

    • Schade door houtrot is geen uitzondering bij oudere vloeren. In zekere zin is het dus normaal. Vaak maar lang niet altijd is het vervangen van het aangetaste hout voldoende om er weer jaren tegen te kunnen. Zonder de oorzaak van de aantasting te kennen is het als spelen met vuur zonder kennis. Je kunt onverwacht je vingers branden. Ik kan het dan ook niemand adviseren.

      Houtaantasting is altijd het gevolg van vocht. Vocht speelt ook een cruciale rol bij de groei van oppervlakte schimmels en zwamgroei. Maatregelen zouden er dan ook op gericht moeten zijn om de vochtbelasting in de kruipruimte zover te reduceren dat er geen houtrot ontstaan en/of schimmels/zwammen gaan groeien. Dit zou dan ook primair moeten staan in het plan van aanpak.

  38. Beste heer Snepvangers, wat fijn dat ik nu echt adequate informatie vind van u over het wel of niet ventileren van kruipruimtes. Wat een zoektocht soms om passende antwoorden te vinden…Wat ik nergens terug kan vinden echter is wat te doen bij overlast van ongedierte, nl zilvervisjes. We zijn net verhuisd naar een huis uit 1991. In de kruipruimte staat permanent een laagje (grond)water. Verder geen ( zichtbare) vochtproblemen, maar wel overal zilvervisjes. Wat is het meest effectieve tegen dit ongedierte? Kieren dichten of de kruipruimte ventileren door bijv. koekoeksgaten? Zeer fijn als u me advies zou kunnen geven. Ik word erg onrustig van die beestjes 😉

    • Zilvervisjes kunnen overal in huis gevonden. Niet alleen op de begane grond maar ook op de zolder. Eigenlijk overal in huis waar het warm en vochtig is. Het klimaat in de zomer is zo dat overal huis de gunstige omstandigheden voor de zilvervisjes aanwezig zijn. In slecht geventileerde huis zijn hierbij in het nadeel omdat het in deze huizen gemiddeld een stuk vochtiger is dan in goed geventileerde.

      Maatregelen in de kruipruimte zoals het vergroten van de ventilatie ervan zullen dan ook geen effect hebben op de overlast van de zilvervisjes. Het huis wordt er niet “droger” van tenzij er openingen in de begane grondvloer zitten. In dat geval moeten deze openingen afgedicht worden. Maar ook dan heeft het geen effect op zilvervisjes.

      Er zijn verschillende middelen in de handel om zilvervisjes te bestrijden. Of het hiermee ooit lukt om het hele probleem hiermee voor eens en altijd te verhelpen, betwijfel ik. Vaak heeft een hele wijk in meer of mindere mate last van het zilvervisjes. Een oversteek van ene huis naar het andere is voor de zilvervisjes zo gedaan.

      Een goede start voor het bestrijden van zilvervisjes is overigens de ouderwetse voorjaarsschoonmaak waarbij alles van de kant wordt gehaald. Alle boeken, dozen, lampen, enz. één voor één schoongemaakt worden en nagelopen op de aanwezigheid van zilvervisjes. Dit is ook de ideale gelegenheid om alles na te lopen op naden en kieren waarin de zilvervisjes zich kunnen “verstoppen”. En deze af te dichten. Als daarna een groot aantal zilvervisjesvallen gezet worden, dan is er een redelijke kans dat het probleem onder controle komt. Voorwaarde is wel dat de voorjaarsschoonmaak ieder jaar herhaald wordt.

  39. Beste heer Sneepvangers,
    hulde voor deze website met heel veel bruikbare info. Echter mijn vraag zit er (natuurlijk) niet bij. Ik ben voornemens om achter mijn huis (1996) een kleine uitbouw te doen van 2.00 M bij 2.00 M. De uitbouw zelf wordt in houtskelet uitgevoerd dus de vloer wordt een lichte broodjesvloer. Dat wordt dus een U-vormige bekisting die aan het bestaande fundament van mijn huis komt. Ik heb vooralsnog geen kruipluik in de uitbouw voorzien. Mijn vraag is dan ook, hoe wenselijk dat is, gelet op het ventilatiegebeuren. Immers op deze manier ontstaat dus een nagenoeg luchtdichte situatie onder die vloer. Nu zou ik alsnog een kruipluik kunnen maken, maar ik zou ook in het bestaande fundament van het huis (dus aan de open kant van de ‘U’) een aantal gaten kunnen boren waardoor een verbinding ontstaat met de bestaande kruipruimte onder mijn huis. De huidige kruipruimte is weliswaar wat vochtig, maar beslist niet nat. Ik moet sowieso een paar gaten door het bestaande fundament boren voor wat leidingwerk naar de aanbouw. Ik hoor graag uw visie op dit vraagstuk.

    • Het kritisch element in de constructie t.a.v. eventuele vochtproblemen is de lichte broodjesvloer. Afhankelijk van de dampdichtheid van het isolatiemateriaal en de uitvoering (wel of weinig openstaande naden) kan de dampdichtheid van de hele constructie (isolatie + druklaag van beton) te gering zijn om vochtproblemen te voorkomen. Als de bodem wordt voorzien van een afdichting van beton of van een folie dan nemen de risico’s behoorlijk af.

      Het maken van enkele gaten in de bestaande fundering bij de uitbouw om de kruipruimte wat te ventileren, heeft geen toegevoegde waarde. De stromingsweerstanden zijn zo groot dat de kruipruimteventilatie bijna nooit als zodanig functioneert. Ik zou persoonlijk er in deze situatie voor kiezen om een folie op de bodem van de kruipruimte te leggen. Dit als extra zekerheid om vochtproblemen te voorkomen.

      Wel of geen kruipruimteluik. Persoonlijk heeft het mijn voorkeur. De praktijk wijst echter uit dat de afwezigheid ervan bij uitbouwen geen probleem is.

  40. Nadat ik de spouwmuren van onze 30-er jaren woning had laten volspuiten met iso=korrels, waarbij ook nieuwe ventilatiepijpen waren aangebracht, bleek dat de onderzijde van de houten vloer kletsnat was. Oplossing, de hele bodem afgedekt met folie. Nu geen vocht meer.

  41. Beste heer Snepvangers,

    In de kruipruimte van onze woonkamer (benedenwoning uit 1920) hebben wij ruim een jaar geleden een bodemfolie laten aanbrengen en thermokussens tegen de onderkant van de houten vloer. De installateur vertelde mij dat de luchtvochtigheid in de kruipruimte door de bodemfolie tot ca 60% zou dalen. Voor mij van groot belang, want bij een hogere luchtvochtigheid in de kruipruimte ruikt het snel muf in huis en reageer ik astmatisch. Ook uit uw antwoorden op eerdere berichten begrijp ik dat een bodemfolie veel invloed kan hebben op de luchtvochtigheid.

    Helaas merken wij dat ondanks die maatregelen de relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte snel stijgt na een regenbuitje snel en blijft dan langere tijd boven de 85% blijft. Ook als de buitenlucht alweer stukken droger is. Ik ben meermaals in de kruipruimte geweest en met het blote oog neem ik geen schimmels waar. De installateur van het folie heeft tot op heden geen goede verklaring kunnen vinden. Wel zijn de funderingsmuren en balken volgens zijn metingen zo goed als droog. Alleen de twee buiten muren voor en achter zijn iets vochtiger.

    De metingen van de luchtvochtigheid heb ik voor een periode van 8 maanden achtereen gedaan door permanent een hygrometer in de kruipruimte te plaatsen. Ik heb ook een tweede hygrometer van een ander merk geplaatst om te kijken of er grote verschillen waarneembaar zijn tussen de meters, maar dat is niet het geval. De temperatuur in de kruipruimte was ten tijde van de metingen circa 14-16 graden.

    Zelf vermoed ik dat de ventilatie in de kruipruimte onvoldoende is, omdat ik weinig trek voel bij de openingen die in de voor en achtergevel zijn aangebracht. Aan de voorkant zitten 2×6 openingen door verticaal geplaatste bakstenen (als ik het goed begrijp is dit eigenlijk vooral voor de spouw bedoeld). Aan de achterkant zitten 2 roosters.

    Ik hoop dat u me met enkele vragen kunt helpen:
    – Ik wil de ventilatie in de kruipruimte graag verbeteren met behulp van renovatiekokers. Onze woonkamer is circa 5 meter breed en 10 meter lang. Het gaat om een tussenwoning. Als ik de oude norm van 4 cm2 per meter per zijde aanhoud voor een houten vloer, kom ik op 200 cm2 ventilatieoppervlakte per zijde. Diverse installateurs en fabrikanten van renovatiekokers stellen echter dat 2-3 kokers met diameter 5 cm per zijde voldoende moeten zijn. Dat zou op nog geen 60 cm2 per zijde komen. Dat is een groot verschil met de norm. Ik begrijp uit uw eerdere antwoorden dat het lastig te zeggen is hoeveel ventilatie nodig is. Zou u hierover ter plaatse kunnen adviseren? Of zou u een betrouwbare partij weten die dit kan doen?

    – Ik kan zoals gezegd met het blote oog geen schimmel waarnemen in de kruipruimte. Ook in de rest van ons huis zie ik geen duidelijke signalen die op schimmel wijzen, behalve de naar onze mening muffe lucht vanuit de kruipruimte. Zijn er betrouwbare metingen uit te voeren om te achterhalen of er toch schimmel in de kruipruimte zitten die elders in huis niet voorkomen? Kan de schimmel in de kruipruimte ook in de grond onder het bodemfolie zitten? En zo ja, hoe kan ik dit laten onderzoeken? Kunt u zoiets vaststellen of heeft u misschien goede ervaringen met een partij (in regio Den Haag)?

    Bij voorbaat dank!

    Vriendelijke groet,
    Thomas

    • Relatieve luchtigheid in de kruipruimte
      Als U verwacht dat met meer ventilatie de relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte altijd lager dan 60 % wordt, dan moet ik teleurstellen. Dit kan gewoon weg niet tenzij U een luchtontvochtiger in de kruipruimte zet.

      De relatieve luchtvochtigheid is een functie van het absolute vochtgehalte en de temperatuur. Voor lucht van een bepaalde temperatuur geldt een maximum voor het absolute vochtgehalte dat de lucht kan bevatten. Voor een temperatuur van 0 graden is dat minder dan 5 gr/m3. Bij 20 graden is dat iets meer dan 17 gr/m3. De relatieve luchtvochtigheid wordt berekend door het actuele absolute vochtgehalte te delen door het maximale absolute vochtgehalte bij de actuele temperatuur. Dit wordt dan vervolgens uitgedrukt in een percentage.

      Stel dat het absolute vochtgehalte van de buitenlucht 12 gr/m3 is bij een buitentemperatuur van 22 graden (r.v. = 62 %). De temperatuur in de kruipruimte is bijvoorbeeld 15 graden. Als de lucht van buiten in de kruipruimte komt, dan wordt deze afgekoeld tot 15 graden. De relatieve luchtvochtigheid van deze lucht wordt dan 94 %. Dit is een stijging van 50 % t.o.v. buiten.

      In het voorbeeld is niet meegenomen dat bij een zeer beperkte ventilatie de relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte vertraagd reageert op de buitencondities. Het vergroten van het ventilatievoud zorgt ervoor dat de temperatuur en de relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte sneller zullen reageren op de buitencondities.

      Opgemerkt wordt dat met een folie op de bodem van de kruipruimte in het algemeen de vochtproductie in de kruipruimte buiten beschouwing gelaten kan worden.

      In de regio Den Haag ligt het langjarig gemiddelde van de luchtvochtigheid van de buitenlucht in de zomerperiode tussen 78 en 80 %. Als de temperatuur in de kruipruimte lager is dan die van de buitenlucht (hetgeen normaal is) dan zal de relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte hoger dan buiten. Als er maximaal geventileerd wordt, dan zal de temperatuur in de kruipruimte stijgen. Evenwel zal hierdoor de relatieve luchtvochtigheid in de zomermaanden niet dalen onder de 78 %.

      In de winterperiode is de situatie omgekeerd. In een zeer beperkt geventileerde kruipruimte is de temperatuur 10 à 15 graden. De langjarig gemiddelde voor de buitentemperatuur ligt in de winterperiode tussen 4 en 6 graden. De relatieve luchtvochtigheid zal in de kruipruimte beduidend lager zijn dan buiten maar gemiddelde toch nog zo’n 60 % bedragen. Het vergroten van de ventilatie van de kruipruimte heeft in de winterperiode tot gevolg dat door de daling van de temperatuur de relatieve luchtvochtigheid zal stijgen. Bovendien zal door het afkoelen van de kruipruimte het energieverlies toenemen.

      Al met al moet gesteld worden dat een relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte onder 60 % weliswaar kan voorkomen maar dat de gemiddelde luchtvochtigheid daar beduidend boven zal liggen.

      De eerste conclusie kan niet anders zijn dat uw installateur iets beloofd heeft dat niet waar gemaakt kan worden. Waarschijnlijk is zijn uitspraak gebaseerd op een gebrek aan kennis. Hij is hierin helaas geen uitzondering.

      De volgende conclusie is dat het vergroten van de kruipruimte ventilatie zeker niet het gewenste effect, namelijk een structurele verlaging van de luchtvochtigheid, zal hebben.

      Luchtdichtheid begane grondvloer
      Als ik het goed begrijp, komt er toch nog een muffe geur vanuit de kruipruimte in de woning. Na het aanbrengen van de thermokussens zou de luchtdichtheid van de begane grondvloer goed moeten zijn. In de uitvoering vragen de leidingdoorvoeren extra aandacht om deze luchtdicht te krijgen. Als dit niet zorgvuldig is gedaan, dan blijven er luchtlekken. E.e.a. is te controleren middels een zogeheten rookproef. Eén van de leukste proeven om te doen en ik stuur U dan ook graag maar wel op verzoek uwerzijds een voorstel hiervoor.

      Schimmels in de kruipruimte
      Ook met een folie zal de lucht in de kruipruimte meestal niet fris ruiken. Dit hoeft geen probleem te zijn mits de luchtdichtheid van de begane grondvloer goed is.

      Natuurlijk kunnen de schimmelsporen gemeten worden. Dat geldt ook voor de vluchtige stoffen die de schimmels uitscheiden. Het moeilijke zit hem niet in het meten op zichzelf maar vooral in het beoordelen van de meetresultaten als er geen zichtbare schimmelgroei is. Te vaak moet de conclusie zijn dat de metingen geen uitsluitsel geven over de bron. En ook niet of er sprake is van een normale achtergrondbelasting of van een bijzondere situatie.

      Een betere onderzoeksstrategie is om de ongewenste luchtstromen in beeld te brengen en daarop de maatregelen te baseren. Het zijn deze luchtstromen die waarmee de vluchtige emissies van schimmels verspreidt worden. Mijn advies is dan ook om dit te onderzoeken. Dit kan prima met een rookproef.

      • Beste heer Snepvangers,

        Hartelijk dank voor uw snelle en opnieuw zeer heldere antwoord! Ik heb inmiddels de nodige partijen gesproken op het gebied van vochtwering, zwambestrijding en ventilatie. Ik ben bijzonder verbaasd dat geen van hen mij tot nu toe deze logische verklaring heeft kunnen geven. Sterker nog, enkelen wezen mij er zelfs op nog meer maatregelen in de kruipruimte te nemen, zoals het storten van schelpen of speciale chips om de relatieve luchtvochtigheid naar beneden te krijgen.

        Wat meerdere van deze partijen mij ook zeiden is dat bij een langdurige hoge relatieve luchtvochtigheid (>75 – 80%) er een verhoogd risico is op het ontstaan van schimmels in/op houten balken. Uit uw antwoord begrijp ik dat het niet uitzonderlijk is om langdurig zo’n hoge r.v. in de kruipruimte te hebben. Wat is uw mening als het gaat om het ontstaan van schimmels en aantasting van hout bij deze r.v.?

        Als dit inderdaad zo’n groot risico is bij deze r.v. dan zou ik haast denken dat iedereen met een kruipruimte en houten vloer in Nederland zich grote zorgen moet maken. Maar dat lijkt me niet het geval.

        Nogmaals dank en vriendelijke groet,
        Thomas

        • Houtrot
          Een hoge relatieve luchtvochtigheid is inderdaad een belangrijke voorwaarde voor het ontstaan van schimmels en zwammen. Maar het is niet de enige. In totaal zijn er zo’n 10 factoren die een rol spelen bij het ontstaan van schimmelgroei. Naast de zuurgraad van het oppervlak en de relatieve luchtvochtigheid aan het oppervlak (kan verschillen van dat in de ruimte) is de beschikbaarheid van “voedsel” een hele belangrijke.

          Op hout kan pas hout aantastende schimmel- en zwamgroei ontstaan als het vochtgehalte van het hout hoger is dan 21 à 22 %. Over het algemeen blijft het vochtgehalte van het hout in de kruipruimte onder 16 à 18 %. Zelfs als het vochtgehalte van het hout hoger dan 21 % is dan betekent dit nog niet dat er direct schimmel- en zwamgroei gaat ontstaan. Het vochtgehalte moet voldoende lang boven de grens van 21 % liggen. Hoe lang dit moet zijn, is afhankelijk van de houtsoort.

          De snelheid van de schimmel- en zwamgroei is afhankelijk van het vochtgehalte van het hout. Pas vanaf een vochtgehalte van 26 % groeien de schimmels en zwammen “snel”. Als het vochtgehalte van het hout lager dan 21 % wordt, dan stopt de groei van de schimmels en zwammen. Ze kunnen dit langere tijd (sommige meer dan 1 jaar) overleven. Zeker op koele plaatsen. De huiszwam is hierbij een vreemde eend in de bijt. Eenmaal aan de groei zorgt deze voor zijn “eigen watervoorziening” om het hout te kunnen verteren.

          Een relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte van 75 à 80 % betekent dus nog niet dat per definitie de houten begane grondvloer onder onze voeten wegrot. En dat is ook de praktijk.

          Oppervlakte schimmelgroei
          Op het oppervlak van de houten balken in de kruipruimte verzamelt zich in de loop van de jaar organisch stof. Bij een relatieve luchtvochtigheid van 75 % en hoger kan hierop schimmelgroei ontstaan. De schimmels die op dit stof groeien tasten over het algemeen het hout niet aan. Deze schimmels hebben het vaak “slecht naar hun zin” vanwege de beperkte beschikbaarheid van voedsel. De kans is dan groot dat ze “hun ongenoegen” kenbaar maken door het verspreiden van hun kenmerkende muffe geur.

          Deze schimmels laten zich meestal eenvoudig met een borstel verwijderen. Eventueel nog nabehandelen met sodawater.
          Een waarschuwing bij het verwijderen van schimmels is op zijn plaats; draag minimaal een goed stofmasker en handschoenen. Bij een zwakke gezondheid of medicijngebruik is het beter om het verwijderen over te laten aan anderen.

          Tot slot
          Het bovenstaande geldt voor in Nederland algemeen voorkomende schimmels en zwammen. Er zijn schimmels en zwammen waarvoor het bovenstaande niet helemaal opgaat. Deze groeien bijvoorbeeld bij een lagere relatieve luchtvochtigheid van 75 %. Bekend is een schimmeltje dat slechts 45 % nodig had. Maar deze groeide wel een hele lekkere ondergrond: een taart.

  42. Geachte heer Snepvangers,

    In bovenstaande gevallen wordt vaak geadviseerd om folie op de vloer van de kruipruimte te leggen. In ons geval begin ik hierover te twijfelen. We hebben een huis uit 1938 waarin we anderhalve maand geleden de houten vloer BG aan de onderkant hebben laten isoleren met PIF T4 t.b.v. energiebesparing. Er waren geen vochtproblemen in huis, grondwater ligt diep (zeker 3 meter), maar de boden van de kruipruimte (zand) liet wel witte schimmel zien. Mijn verklaring is luchtvochtigheid, het huis staat tussen hoge bomen. Nu blijkt er op de grondfolie in de kruipruimte kleine plasjes water te liggen, ik neem aan condens. Als gevolg hiervan laten de plakstroken van de isolatie zo hier en daar los. De kruipruimte wordt geventileerd door kleine roosters op de hoekpunten van het huis, ik weet niet of dat voldoende is – hierdoor wordt de vochtige lucht van buiten ook naar binnen gebracht natuurlijk. Sinds een week begint het ook te ruiken, een soort van kattepislucht. Ik overweeg om in ieder geval de grondfolie weg te halen (grond is immers droog, lucht niet) en de kruipruimte extra te ventileren. Is dat een goede oplossing? Vast dank voor uw advies.

    • De vraag die U stelt, is of de kruipruimte droger wordt als er geen folie op de bodem ligt. Een folie houdt de vochtstroom uit de bodem tegen. Uw gedachte is dat als folie weg is, in uw situatie de richting van de vochtstroom zou omdraaien. M.a.w. onttrekt de bodem zoveel vocht uit de lucht in de kruipruimte dat de lucht in de kruipruimte gedroogd wordt.

      In theorie zal ongeveer de bovenste halve centimeter van de bodem van de kruipruimte wat vocht uit de lucht op kunnen nemen. Het is evenwel een zeer beperkte hoeveelheid. Het is absoluut onvoldoende om de luchtvochtigheid in een zeer licht geventileerde kruipruimte meetbaar te verlagen. Bovendien het is éénmalig. Dit komt omdat het opgenomen vocht niet verder naar dieper in de bodem geleid wordt. Als de lucht in de kruipruimte weer zeer droog is, wordt het eerder opgenomen vocht weer afgegeven aan de lucht.

      In wezen komt het erop neer dat de bodem van de kruipruimte geen luchtonvochtiger is.

      Wat hier waarschijnlijk aan de hand is, is dat de kruipruimte “heerlijk” koel is. Als warme lucht van buiten in de kruipruimte dan kan er condensatie optreden. Met een hoge luchtvochtigheid in de kruipruimte in de zomermaanden moet in een licht geventileerde kruipruimte gewoon rekening gehouden worden. Als de plakstroken in deze omstandigheden loslaten, dan is er sprake van een verkeerde materiaalkeuze.

      Over de kattepislucht valt weg te zeggen, daar de vraagstelling geen aanknopingspunten biedt om een mogelijke oorzaak hieruit op te maken.

  43. Het comfort in de woonkamer van mijn woning uit 1955 is in de winter niet erg goed. Zo nu en dan is er een duidelijke tochtstroom voelbaar. De houten vloer is voorzien van een damp remmende folie, groene platen en laminaat en aan de onderzijde is een zeer droge kruipruimte met een bodem van stampbeton te vinden. De ruimte is maximaal 33 cm tot aan de balken.
    De beglazing van de woning bestaat uit HR++ glas en de spouwmuren zijn voorzien van isolatie.

    Ik heb reeds meerdere isolatiepartijen over de vloer gehad/gesproken en mag verschillende verhalen aanhoren. Gezien de beperkte ruimte is eigenlijk alleen een vulling van EPS parels of chips mogelijk. Ook heb ik al een behoorlijke studie op het internet gemaakt en lees daar 0 resultaat tot uitstekend resultaat.
    Gaat het vullen tot aan ongeveer de onderkant balken (30cm parels) mij het gewenste comfort opleveren en de koude tochtstroom wegnemen?

    • De luchtdruk in de kruipruimte is in de regel iets hoger dan die in de woning. Dit drukverschil kan zorgen voor een luchtstroom door openingen in de begane grondvloer. Een dergelijke luchtstroom kan leiden tot tochtverschijnselen. Bij houten begane grondvloer komen vaak openingen voor bij de aansluiting van de vloer met de muur. Vaak verstopt onder de plint. In dit geval is het zeker aan te raden om e.e.a. op openingen te controleren en zo nodig af te dichten.

      Of isolatie op de bodem van de kruipruimte dat brengt wat er van verwacht mag worden, hangt af van het ontbreken van luchtstromen tussen de isolatie en de begane grondvloer. Kruipruimteventilatie kan er voorzorgen afhankelijk van de wind dat er (sterke) luchtstromen in de kruipruimte ontstaan. En bovendien voert de kruipruimteventilatie in de winter koude lucht toe. Als er openingen in de begane grondvloer zitten, zullen deze luchtstromen sterker zijn dan bij een luchtdichte begane grondvloer. Hierdoor kan de kruipruimteventilatie ervoor zorgen dat er in de woning niets te merken valt van de isolatie op de bodem van de kruipruimte.

      Of het verstandig is om de kruipruimte niet te ventileren is moeilijk in te schatten. Dit hangt af van de relatieve luchtvochtigheid bij de houten balken. Hierbij spelen het vochttransport door isolatie en de temperatuur bij de balken een grote rol. De temperatuur in de kruipruimte wordt beïnvloed niet alleen door de isolatie op de bodem van de kruipruimte maar ook door de isolatiewaarde van de begane grondvloer en de vloerbedekking, de ventilatie van de kruipruimte en de temperatuur in de woning. Al met al is het moeilijk om in te schatten hoe groot de risico’s op het ontstaan van houtrot zijn als de kruipruimteventilatie dichtgezet wordt.

      Als de fundering van de woning gemetseld is, dan is het aanbrengen van een isolatielaag op de bodem van de kruipruimte niet zonder risico. Dit heeft te maken op trekkend vocht en de droging van de fundering. Als de droging verhinderd wordt door de isolatielaag dan zal het optrekkend vocht hoger komen. En vormt hierdoor mogelijk een risico van de balkkoppen.

Geef een reactie

Het beantwoorden van vragen op de website is een gratis service die verleend wordt als er tijd voor is. En past in de doelstelling van de website, het geven van voorlichting. Reacties worden dan ook pas na moderatie geplaatst.

 

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Het beantwoorden van vragen op de website is een gratis service die verleend wordt als er tijd voor is. En past in de doelstelling van de website, het geven van voorlichting. Reacties worden dan ook pas na moderatie geplaatst.