Wonen en slapen zonder elektrische en magnetische velden
Dit artikel is eerder verschenen in het blad Gezond Bouwen en Wonen nr 2003-4

Er is onder wetenschappers al meer dan veertig jaar gesteggel over de ernst van gezondheidsschade door blootstelling aan extreem laagfrequente (ELF) elektrische en magnetische (EM) velden, die onder meer voorkomen rond hoogspanningslijnen en rond elektrische installaties in gebouwen. In recente wetgeving voor ruimtelijke ordening en bouwen worden iets hogere kwaliteitseisen aan deze installaties gesteld dan voorheen, maar op collectief niveau is er geen sprake van robuuste maatregelen om ELF-EM-velden te beperken. Echter, wie denkt dat hij gevoelig is voor deze velden, of wie het zekere voor het onzekere wil nemen, kan het heft in eigen handen nemen. Er bestaan goede en betaalbare producten om een veldarme woning te realiseren.

Acute en andere gezondheidsklachten
De eerste onderzoeken naar de gezondheidsrisico’s van elektriciteit waren gericht op de acute effecten. Door laagfrequente velden tot 10 MHz worden in het lichaam stroompjes opgewekt. Bij blootstelling aan sterke ELF-EM-velden kan dit leiden tot ongewenste prikkeling van de zenuwen of het overspringen van vonken in het hart. Deze sterke velden komen niet voor in woningen, en daarmee lijken ook de acute gezondheidsriscio’s uitgesloten. In de gebouwde omgeving staan mensen wel continu en in toenemende mate bloot aan ‘zwakke’ laagfrequente velden. Er is weinig onderzoek uitgevoerd dat verband legt tussen langdurige blootstelling aan kleine doses en gezondheidsschade. Het betreft om te beginnen zogenaamde ‘aspecifieke’ klachten, zoals hoofdpijn en slapeloosheid, die door mensen in verband met ELF-velden worden gebracht. Omdat dergelijke klachten ook door veel andere omstandigheden kunnen ontstaan, is het moeilijk te bewijzen dat ELF-EM-velden de oorzaak zijn. Eigenlijk is er op dit vlak nog veel onderzoek gewenst.

Risico vaan koffie
Onderzoeken die een verband legden tussen langdurige blootstelling aan ELF-EM-velden van hoogspanningslijnen en leukemie bij kinderen, zoals het onderzoek van Wertheim en Leeper, worden nog steeds aangevochten. Verantwoord en langdurig onderzoek is erg moeilijk. Als de onderzoeken werden uitgevoerd, werd ook altijd wel een punt gevonden om de conclusies onderuit te halen. Opvallend is dat er soms mer tijd, energie en geld werd gestoken in de poging bestaand onderzoek te ontkrachten dan dat er werd geïnvesteerd in onderzoke om meer te weten te komen over de invloed van ELF-EM-velden op de gezondheid. In 2000 wordt door Ahlbom een analyse gemaakt van de data die verzamel waren in een groot aantal onderzoeken. Hij vond een zwakke maar consistentie relatie tussen leukemie en extreem laagfrequente magneetvelden met een sterkte groter dan 0,4 microTesla. Ondanks dat hij geen sluitende verklaring kon geven, waren zijn onderzoeksresultaten voldoende voor de Internation Agency for Research on Cancer IARC om ELF-magneetvelden in te delen in de laagste risicoklasse. In 2001 heeft de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) de conclusie van Ahlbom overgenomen. In een persbericht heeft de WHO opgemerkt dat dit risico te vergelijken is met het drinken van koffie.

Bezorgde burgers
Toen Russische onderzoekers alweer veertig jaar geleden hun onderzoek publiceerden over de gevolgen voor de gezondheid van langdurige blootstelling aan ELF-EM-velden, trok dit vrijwel uitsluitend de aandacht van bezorgde burgers. Zij maakten hieruit op dat de blootstelling aan EM-velden beter vermeden kon worden. De grondlegger van de elektrobiologie, de Duitser Erich Fisher, had veel succes in de praktijk, die gebaseerd was op deze zienswijze. Veel van zijn klanten vonden dat het beter met hun gezondheid ging als in de woning de bronnen van ELF-EM-velden waren weggenomen. Een verklaring kon evenwel niet gegeven worden. Het heeft twintig jaar geduurd voordat de eerste onderzoeksresultaten van Wertheim en Leeper onderschreven worden, over de mogelijke relatie tussen wonen langs hoogspanninglijnen en leukemie bij kinderen. En ook al zijn er voor de relatie tussen EM-velen en andersoortige gezondheidsschade nog steeds weinig bewijzen, een groeiende groep mensen legt het verband tussen EM-velden en hun klachten als hoofdpijn, slapeloosheid, moeheid, allergieën en stress. Elektriciteit en EM-velden als invloedsfactor van gezondheid zijn daarom nog niet van de agenda.

Voorzorg en bouwbiologie
Blootstelling aan EM-velden houdt dus een risico in. Er zijn verschillende manieren om met risico’s om te gaan. In de medische sector wordt vaak gewerkt aan de hand van het zorgvuldigheidsprincipe. Daarbij wordt voor diverse niveaus en tijdsduren van blootstelling bepaald wat de kans is dat er schade aan de gezondheid optreedt. Voorzien van een extra marge worden zo ‘veilige’ of toegestane blootstellingswaarden bepaald. Een tweede en meer voorzichtige benadering is die van het voorzorgprincipe. Dit houdt in dat als er over de effecten van een blootstelling nog weinig bekend is, het zekere voor het onzekere wordt genomen. Het advies luidt dan om de blootstelling zoveel mogelijk te vermijden. In de bouwbiologie wordt de natuur als maatstaf gekozen. De bouwbiologie streeft er namelijk naar om de kwaliteit van het buiten- en binnenmilieu zoveel mogelijk te laten lijken op de oorspronkelijke natuurlijke omgeving. Onnatuurlijke invloeden, zoals door techniek opgewerkte EM-velden, horen daar niet bij.

Pionierswerk
De bouwbiologie probeert de blootstelling aan ELF-EM-velden in gebouwen zo veel mogelijk te vermijden. ELF-EM-velden in de woonomgeving, die soms doordringen tot het binnenmilieu, kunnen niet altijd vermeden worden, maar op het niveau van de woning valt er veel te beïnvloeden. Tot voor enkele jaren was het pionierswerk om een veldarme woning te realiseren. Inmiddels is er een scala van goede producten op de markt waarmee de veldarme woning gemakkelijker te realiseren is. Wel is het noodzakelijk vanuit een doordacht plan of concept te werken, om ook werkelijk tot een goed totaalresultaat te komen. De praktijk heeft uitgewezen dat het toepassen van één of enkele technieken vaak nauwelijks leidt tot minder blootstelling van de bewoners aan EM-velden. Foutieve toepassing van technieken kan zelfs leiden tot verhoogde blootstellingsniveaus.

Verschillende soorten velden
Er wordt onderscheid gemaakt in extreem laagfrequente elektrische velden, extreem laagfrequente magneetvelden en elektromagnetische velden (frequentie > 30 kHz). Elk van deze veldtypen vraagt om zijn eigen benadering. In dit artikel wordt stilgestaan bij de mogelijkheden om de ELF-elektrische velden te elimineren. Deze velden zijn altijd aanwezig rond leidingen en apparaten die onder spanning staan, ook als er geen stroom gebruikt wordt. De sterkte en de voortplanting van een laagfrequent elektrisch veld zijn in een woning moeilijk te voorspellen omdat bouwmaterialen en inrichting er invloed op hebben. Toch kunnen ze structureel aangepakt worden.

De laatste meter
ELF-magneetvelden zijn deels te voorkomen door de toepassing van een hoogwaardige installatie, maar ze zijn moeilijker af te schermen dan ELF-elektrische velden. Echter, ze zijn alleen aanwezig als er daadwerkelijk stroom gebruikt wordt. Op de sterkte van de elektromagnetische velden die afkomstig zijn van zendinstallaties, GSM-basisstations kunnen bewoners maar weinig invloed uitoefenen. Bij andere veldtypen is het een vuistregel dat de veldsterkte afneemt bij grotere afstand tot de bron. Dit geldt niet voor het ELF elektrische veld afkomstig van de huisinstallatie. De sterkte van het veld in afhankelijk van de spanning en de afstand tot de aarde. Doordat er in de woning sprake is van talloze bronnen is de veldsterkte niet te voorspellen. In de regel kan dan ook gesteld worden dat de afstand van de mens tot de leiding of het apparaat niet de blootstelling bepaalt. Dit geldt evenwel niet voor bronnen die zich binnen een halve tot één meter van lichaam bevinden. Dit kan een elektra-leiding in de muur, een verlengsnoer of een losse lamp zijn. Deze bronnen moeten geëlimineerd worden alvorens andere maatregelen genomen worden. Wie om zich heen kijkt, ziet binnen één meter verlengsnoeren, aansluitsnoeren naar verschillende elektrische apparaten (wekker), lampen, een beeldscherm met computer, en dergelijke. Zodra er spanning (220 V) op staat, zijn het bronnen van elektrische velden. Vooral het aanpakken van deze elektra kan de blootstelling van het lichaam vergaand verminderen.

De sterkte van de velden die afkomstig zijn van de bronnen verschilt van product tot product. Zo heeft een los verlengsnoer vaak een veel groter veld dan een elektriciteitskabel in de muur. Een enkelvoudige schakelaar is niet voldoende om een losse lamp spanningsloos te maken zodat ze als bron blijven fungeren.

Tot 2000 waren er nauwelijks producten op de markt waarmee deze ‘verplaatsbare’ bronnen aangepakt konden worden. Nu is er een breed scala van producten beschikbaar, zoals afgeschermde aansluitsnoeren en verdeeldozen. De laatste ontwikkeling is dat er ook afgeschermde lampen verkrijgbaar zijn in een toenemend aantal modellen. Deze producten zijn allemaal voorzien van elektrische aarde. Bij de snoeren is er een geaarde aluminum folie om de spanningsdraden aangebracht en bij de verdeeldozen kan de metalen behuizing geaard worden. Lampen (armaturen) zijn voorzien van een aardingsspiraal. Deze producten zijn allemaal goed toepasbaar als ze aangesloten worden op een geaarde contactdoos. Sinds enkele jaren vereist het Bouwbesluit in nieuwe woningen weer geaarde contactendozen, maar in veel woningen van de laatste tientallen jaren ontbreken deze in veel vertrekken.

De veldarme huisinstallatie
De afgeschermde huisinstallatie bestaat uit het “inpakken” van de elektrische bekabeling met bijvoorbeeld een geaarde folie. Aangevuld met geaarde inbouw- en verdeeldozen en een eveneens afgeschermde meterkast zijn hiermee goede resultaten mogelijk. Belangrijk is dat er geen lekken in de afscherming ontstaan. Vooral als dit lek zich in de nabijheid van een gipsplaat of een houten regel bevindt, dan is vanwege de geleidende eigenschappen van het gips en het hout de hele afscherming eigenlijk voor niets. En nogmaals: bij deze werkwijze is het belangrijk dat ook het laatste stuk snoer vanaf het stopcontact afgeschermd wordt. Een eenvoudig tweelingsnoertje dat langs de wand ligt of hangt, kan een zodanig elektrisch veld op de mens met zich meebrengen, dat het effect van de afgeschermde huisinstallatie eigenlijk teniet wordt gedaan. Als door technische ingrepen de laagfrequente straling van de elektrische installatie wel met succes kan worden afgeschermd, is er sprake van een veldarme woning.

Afschermen
Het afschermen van ruimtes is een andere benadering om de elektrische velden vanuit de huisinstallatie te elimineren. Het is een methode die in een deel van de woning uitgevoerd kan worden, bijvoorbeeld in de slaapkamers. Bouwbiologen hechten er veel waarde aan om juist de slaapplaats te ontdoen van onnatuurlijke blootstellingen. Door het aanbrengen van halfgeleidende materialen tegen de wanden, de vloer en het plafond en de aarding van deze vlakken, ontstaat er een goede afscherming tegen de elektrische velden die afkomstig zijn van buiten de ruimte. Voor het aanbrengen van de afscherming zijn er verschillende producten op de markt. De alleroudste methode is het aanbrengen van een verflaag waarin koolstof is opgelost. Later zijn de zogeheten ‘abschirm’vliezen op de markt gekomen. Voor beide geldt dat deze door een handige doe-het-zelver aangebracht kunnen worden. Het advies is om de aarde door een elektricien te laten uitvoeren. Deze kent de veiligheidsregels en kan nagaan of de aarde aan de eisen voldoet. Nieuw zijn speciale gipsmortels die voorzien zijn van koolstofvezels en speciale gipsplaten waarvan het papier is behandeld. Aangesloten op de elektrische aarde zijn hiermee uitstekende resultaten te behalen.

Zonder spanning graag
Kenmerkend voor de elektrische installatie is dat er ook spanning op staat als er geen stroom verbruikt wordt, waardoor er ook altijd elektrische velden zijn. Maar voor de tijden dat we geen stroom nodig hebben, zou de spanning er best af mogen. De netvrijschakelaar is gebaseerd op dit idee. Deze meet voortdurend het stroomverbruik binnen een elektrische groep en als de laatste stroomverbruiker uitgeschakeld is, dan wordt ook de spanning uitgeschakeld. Als er weer stroom gevraagd wordt, schakelt de netvrijschakelaar de spanning weer in. Oorspronkelijk was de toepassing ervan beperkt tot de elektriciteitsgroepen waarop uitsluitend lampen waren aangesloten. Inmiddels vormen de kleine permanente stroomverbruikers, dimmers en dergelijke geen probleem meer voor de netvrijschakelaar. Netvrijschakelaars zijn met name geschikt voor bestaande woningen waar het aantal elektriciteitsgroepen beperkt is. Ze worden dan geplaatst in de groepen van de slaapkamers. Een meting van het laagfrequente elektrische veld is wel noodzakelijk om te controleren of het beoogde doel bereikt wordt. Het komt voor dat het uitschakelen van een groep tot gevolg heeft dat de veldsterkte in andere ruimtes toeneemt. Dit treedt op als de verschillende groepen in huis op verschillende fasen zijn aangesloten.

Epiloog
De mogelijkheden om een veldarme woning te realiseren zijn in de afgelopen jaren fors toegenomen. Leidraad voor het realiseren moet een totaalconcept zijn. Deeloplossingen brengen meestal niet het gewenste resultaat en werken soms averechts. Daarom is kennis over de geschiktheid van maatregelen voor een bepaalde situatie onmisbaar. Als u op zeker wilt spelen, kunt u uw woning beter zo snel mogelijk veldarm graag verbouwen.


Reacties

De veldarme woning — Geen reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Het beantwoorden van vragen op de website is een gratis service die verleend wordt als er tijd voor is. En past in de doelstelling van de website, het geven van voorlichting. Reacties/vragen worden dan ook pas na moderatie geplaatst.