Meten is een belangrijk onderdeel van het onderzoek naar de oorzaak van vocht-, zout- en schimmelproblemen. Toch is meten alleen niet voldoende om te komen tot een goede diagnose van de schade. Recent verschijnen meer en meer boeken en richtlijnen met een uitgebreide beschrijving hoe de schade onderzocht zou moeten worden om tot een goede diagnose te komen. Hieruit kan afgeleid worden dat niet elke deskundige even competent en zorgvuldig te werk gaat.

Hoe ernstig de situatie is blijkt uit de publicatie in 2005 van het boek ‘Die Sanierung der Sanierung’ van de hand van Horst Reul [1]. De titel alleen al geeft duidelijk aan wat de schrik is van veel opdrachtgevers: ondanks de genomen maatregelen zijn de problemen soms groter dan voorheen. De voorbeelden uit het boek laten zien wat er vaak fout gaat in de praktijk:

Bij de voorbereiding is de oorzaak van de schade onvoldoende onderzocht, veelal doordat er niet gestructureerd gewerkt is; Er is niet nagegaan of de voorgeschreven ingrepen voor deze specifieke situatie geschikt zijn. Punten die eigenlijk voor zichzelf spreken.

Ook in Nederland komt het regelmatig voor dat uit het schadedossier blijkt dat er wel een aantal onderzoeken zijn uitgevoerd maar dat ook de adviezen uit de rapporten niet het gewenste resultaat gebracht hebben. Opvallend is dat vaak niet transparant is hoe de onderzoekers tot hun bevindingen zijn gekomen. Het is ook geen uitzondering dat de conclusies in tegenspraak zijn met de bevindingen in het onderzoek.


Reacties

1. Inleiding — Geen reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Het beantwoorden van vragen op de website is een gratis service die verleend wordt als er tijd voor is. En past in de doelstelling van de website, het geven van voorlichting. Reacties/vragen worden dan ook pas na moderatie geplaatst.